Elohiem zegende hen: een stille, krachtige  overdracht van energie en gevoel

hertaling Bereshiet 1:22

schilderij met hebreeuwse letters op opengeslagen Tora - fragment uit werk van Marc Chagall

Genesis/ Bereshiet 1:22
Klassieke vertaling: En God zegende hen, zeggende: ‘Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt u en vul de wateren in de zeeën; en het gevogelte zal vermenigvuldigen op de aarde:

Hertaling
En Elohiem zegende hen als volgt: ‘Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt en vult de watermassa in de zeeën; en het gevogelte zal talrijk zijn op het land:

Wanneer leven wordt gezegend om leven voort te brengen

Voor het eerst in de schepping klinkt er een woord dat niet schept,
niet verdeelt, niet activeert, maar overdraagt:

Elohiem zegende hen.

Het is een moment dat anders voelt dan alle eerdere fasen.
Tot nu toe werd leven gevormd,
nu wordt het toevertrouwd aan zichzelf.

De zegening geeft de dieren
– afhankelijk van de zee waarin zij leven –
leven naar hun soort, via voortplanting.

Want vruchtbaarheid betekent nog niet
dat er al wordt voortgebracht;
maar voortplanting kan alleen bestaan
als de kiem van vruchtbaarheid aanwezig is.

Hier begint iets dat nergens eerder mogelijk was:
leven dat leven voortbrengt.

Waarom een zegen?

Deze wezens zijn de eerste levende schepselen
die werkelijk in beweging zijn,
bezield, hun eigen richting kiezend.

En daarom lijkt de zegening een cruciale rol te spelen.

Zonder deze zegen zou het leven wel bestaan,
maar misschien niet blijven bestaan.

Het Hebreeuwse woord voor zegen wijst op méér dan een uitspraak:
Het is een handeling van verbinding, een overdracht van kracht,
een aanraking van de scheppende stroom waaruit alles voortkomt.

Geleerden leggen uit dat deze levende wezens juist een zegen nodig hebben
omdat zij deel worden van de voedselketen –
ze zullen gegeten worden,
ze zullen sterven, en toch moet het leven doorgaan.

De zegen tilt die voedselketen naar een hoger niveau:
Zij verbindt gedood worden met blijven bestaan.

Een cirkel van leven die Elohiem bevestigt
als onmisbaar voor alles wat nog geschapen zal worden.

Wat is zegenen eigenlijk?

In de Joodse traditie betekent zegenen geen macht, geen wens,
maar verbinding:

Verbinding met het wezen waarop de aandacht rust,
en verbinding met de eenheid van de schepping zelf.

Een zegen werkt alleen wanneer zij in het nu wordt gegeven –
volledig aanwezig, in echte verbinding.

Het is een daad van nabijheid:
met jezelf, met de ander, met het geheel.

In dit moment lijkt Elohiem het eerste leven aan te raken
met diezelfde aanwezigheid.

Waarom bij vissen gebiedend, maar bij vogels niet?

De zeedieren ontvangen een duidelijke opdracht:

‘Weest vruchtbaar, vermenigvuldigt en vult de watermassa in de zeeën.’

Maar bij het gevogelte staat niet: Weest vruchtbaar en vult de lucht.

Er staat alleen dat het gevogelte talrijk zal zijn. Waarom dat verschil?

Omdat gevogelte voortkomt uit de schepping van de zeedieren.
Hun vermogen tot voortplanting lag al besloten in het leven van het water.

Zoals de aarde al de kracht in zich had om zaden voort te brengen,
zo lagen in de zeedieren al de kiemen waaruit gevogelte zou ontstaan.

Daarom hoeft de tekst hun vruchtbaarheid niet opnieuw te gebieden.
Het ligt al in hen.

Maar hun plaats moet wél worden genoemd:
zij zullen talrijk zijn op het land –
en niet in de zee, die voor vissen is bestemd.

Waarom ‘het land’ en niet ‘de aarde’?

Vissen leven óók op de aarde, maar in de zeeën.
Vogels leven boven het land en vermenigvuldigen zich daar.

De tekst maakt met één woord het onderscheid helder:
het land, de plek die hun domein wordt.

Verbazingwekkende resonantie met moderne inzichten

De wetenschap ontdekt vandaag wat hier al millennia staat:

Het leven begon in het water: de eerste levende organismen, eenvoudige bacteriën,
vormden zich in de oeroceaan en begonnen zich te vermenigvuldigen.

Uit die kleine, haast onzichtbare vormen groeide een overvloed aan wezens,
elk verschillend, elk met een eigen richting.

En sommige van die wezens verlieten het water,
zetten voet op het land en ontwikkelden zich uiteindelijk
tot schepselen die zelfs konden vliegen.

Ongelooflijk hoe deze oude woorden van 3500 jaar geleden
nog steeds trillen op dezelfde golflengte als de ontdekkingen van nu.

Betekenis en context

Het leven krijgt niet alleen vorm, maar ook continuïteit.

Tot nu toe werd leven gevormd en geordend; nu wordt het bekrachtigd en doorgegeven.

In de Joodse traditie betekent zegenen: verbinding. Verbinding met het wezen waarop de aandacht rust, én met de eenheid van de hele schepping. Het is een handeling van overdracht — van kracht, van leven, van samenhang.

Elohiem, de kracht die voortdurend (zichzelf) schept, lijkt dat in de tekst te willen onderstrepen. Een zegening is niet alleen iets wat je met woorden kracht bij zet, het is ook een stille, maar krachtige  overdracht van energie en gevoel. 

Degene die zegent, bereikt het diepste effect wanneer hij of zij in het nu daarbij de hele wereld betrekt. Het is dus een kwestie van volledig aanwezig zijn en echt contact maken. Contact met jezelf, je omgeving: met de eenheid binnen de hele schepping.

Grammaticale en tekstuele analyse

Wa’jevarèch otam Elohiem leemor peroe oerevoe oemil’oe et-hamajiem bajamiem   
(ויברך אתם אלהים לאמר פרו ורבו ומלאו את-המים בימים)
‘En Elohiem zegende hen als volgt: weest vruchtbaar en vermenigvuldigt en vult de watermassa in de zeeën.’

De zegening wordt rechtstreeks gevolgd door drie werkwoorden in de gebiedende wijs: weest vruchtbaar, vermenigvuldigt en vult. De focus ligt op voortplanting en uitbreiding binnen een duidelijk afgebakend domein: de wateren van de zeeën.

Vruchtbaarheid betekent hier nog niet dat er daadwerkelijk wordt voortgebracht; het duidt op de mogelijkheid daartoe. Voortplanting veronderstelt echter wel dat deze vruchtbaarheid aanwezig is. De tekst maakt dit onderscheid impliciet door eerst vruchtbaarheid te noemen en pas daarna vermenigvuldiging en vervulling.

Daarna volgt een tweede formulering:

We’ha’oof jirèv ba’arèts (והעוף ירב בארץ)
‘en het gevogelte zal talrijk zijn op het land.’

Het werkwoord jirèv betekent ‘het zal talrijk zijn’. Het staat in de Qal-vorm, derde persoon enkelvoud, toekomende tijd. Opvallend is dat hier geen gebiedende wijs wordt gebruikt, zoals bij de zeedieren. Het gevogelte ontvangt dus geen expliciete opdracht om vruchtbaar te zijn of een domein te vullen.

Het slotwoord ba’arets betekent zowel ‘op de aarde’ als ‘op het land’. In deze context verdient ‘het land’ de voorkeur, omdat hiermee een ruimtelijk onderscheid wordt aangebracht tussen de leefgebieden van zeedieren en vogels.


Zie de andere delen van deze serie Hertaling van het eerste hoofdstuk van Bereshiet:

De Torah opent als een filmshot na de Oerknal Genesis / Bereshiet 1:1
Daar is water Genesis / Bereshiet 1:1-10
Onheil ligt op de loer Genesis / Bereshiet 2:9
Jij bent niet buiten Elohiem Genesis / Bereshiet 1:2
Energie wacht om richting te krijgen Genesis / Bereshiet 1:3
Wanneer onderscheid orde schept Genesis / Bereshiet 1:4
Slotakkoord van jom één Genesis / Bereshiet 1:5
Elohiem richt de blik Genesis / Bereshiet 1:6
Er komt ruimte voor adem Genesis / Bereshiet 1:7
Het uitspansel dat we dampkring zijn gaan noemen Genesis / Bereshiet 1:8
Het water wijkt Genesis / Bereshiet 1:9
Het land verschijnt, het water verandert Genesis / Bereshiet 1:10
Uitnodiging aan de aarde zelf Genesis / Bereshiet 1:11
Zaad dat terugkeert naar de aarde Genesis / Bereshiet 1:12
(red.: 1:13 ontbreekt op verzoek auteur)
Letters ontbreken, inzicht ontstaat Genesis / Bereshiet 1:14
Waarneembaar licht dat de aarde bereikt Genesis / Bereshiet 1:15
De zon wordt actief Genesis / Bereshiet 1:16
Door de dampkring heen Genesis/ Bereshiet  1:17
Dag en nacht ons kompas Genesis/ Bereshiet  1:18
(red.: Genesis/ Bereshiet 1:19 ontbreekt op verzoek auteur)
Vinnen worden vleugels Genesis/ Bereshiet  1:20
Soorten zeeën, soorten leven Genesis/ Bereshiet  1:21


cover: fragment uit schilderij van Marc Chagall; foto Bloom, 2024

Over Simon Cohen 24 Artikelen
Simon A. Cohen, Rotterdam(1948) was ondernemer en vermogensbeheerder. Winnaar Rotterdamse Ondernemersprijs 2003. Lid NIK en het Verbond Liberale Jodendom. Voormalig voorzitter: NIG Rotterdam; Convent der Kerken en Synagogen; Landelijke Dialoogcommissie Verbond; OJCM; Coalitie ter voorkoming spanningen in stad. Actieleider toneeluitvoering Fassbinder ‘Het vuil, de stad en de dood,’ 1987. Studeerde aan het Nederlands Israëlitisch Seminarium klassiek Hebreeuws en filosofische achtergronden Jodendom.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*