De Torah opent als een filmshot na de Oerknal

hertaling Bereishiet

Klassieke vertaling: In het begin schiep God de hemel en de aarde.

Hertaling
In een begin van Elohiem had de doorlopend vernieuwende kracht het waterstofgas daarginds in het heelal en de aarde beide met een definitieve samenstelling uit het niets geschapen.

De Torah opent als een filmshot na de Oerknal. De planeet aarde bestaat, maar ze is nog koud, leeg en zonder ook maar één ingrediënt voor leven. Het is een wereld in wording: donker, wild en ongerept.

En dan klinken de eerste woorden van de Hebreeuwse tekst. Woorden die je op twee manieren kunt lezen, en die samen het begin van alles zichtbaar maken:

‘In een begin van Elohiem…’ en ‘In een begin had Elohim geschapen…’

Auteur Simon Cohen studeerde klassiek Hebreeuws aan het Nederlands Israëlitisch Seminarium en waagde zich aan een hertaling van de eerste drie hoofdstukken van de Torah -het Scheppingsverhaal. Deze week de eerste zin Genesis / Bereishiet 1:1. Zie ook Cohens introductie:‘Daar is water.’ Hoe het verschil tussen een ‘a’ en een ‘o’ de vertaling van het scheppingsverhaal op zijn kop zet.

Oerkracht

Beide lezingen vullen elkaar aan: Elohiem schept zichzelf voortdurend opnieuw, en er wordt een nieuw begin gemaakt. Een oerkracht zet iets in beweging dat nog nergens op lijkt, maar alles al in zich draagt.

In deze vertaling wordt bewust niet het woord God gebruikt. Dat roept snel een menselijk beeld op: een gestalte, een persoon, een figuur. Maar de Hebreeuwse tekst wijst op iets anders: op een altijd aanwezige, dragende, scheppende en vernieuwende kracht, waarin alles besloten ligt en waaruit alles voortkomt.

Die kracht beweegt over een jonge, nog vormeloze aarde. 

En vanaf dit moment ontvouwt de Torah een van de meest adembenemende verhalen die de mensheid kent:
Hoe chaos zich ordent, hoe leven ontstaat, hoe licht en donker, water en aarde, mens en dier hun plaats krijgen – stap voor stap, fase voor fase, precies zoals de natuurkunde het miljoenen jaren later zou bevestigen.

Leefbaar maken planeet

Wetenschappers schatten dat het heelal ongeveer 13,5 miljard jaar oud is, terwijl de aarde rond 4,1 miljard jaar geleden is gevormd.
Daarom richt het eigenlijke scheppingsverhaal zich pas vanaf 1:2 volledig op het leefbaar maken van onze planeet door Elohiem.

De eerste zin van de Torah verwijst naar de voorliggende periode. Een fase die de tekst samenvat met de woorden “had geschapen”.
Daarmee omvat die eerste zin een tijdspanne van bijna negen miljard jaar: de wording van het heelal zelf, voorafgaand aan de inrichting van de aarde.

Tocht door tijd en ruimte

Dit verhaal vertelt hoe wij op aarde zijn terechtgekomen. Niet als een droge kroniek, maar als een tocht door tijd en ruimte, door hemel, heelal en de oerstoffen waaruit alles is opgebouwd.

Want wat wij ‘hemel’ noemen, was voor de oude mens een mysterieus gewelf dat boven hen hing. Ze wisten niet dat de aarde een planeet is, zwevend door een immense leegte en bewegend met duizelingwekkende snelheid langs sterren en nevels. Daardoor klinkt in vertalingen vaak het woord hemel. Maar met de kennis van nu mogen we vermoeden dat de Hebreeuwse tekst veel verder reikt: dat ze wijst op het heelal zelf, op die onmetelijke ruimte waarin onze planeet pas een stipje is.

En dan volgt iets opvallends: Als we het Hebreeuwse woord letterlijk vertalen, staat er niet ‘hemel’, maar: ‘waterelementen daarginds.’

Waterstof, de eerste bouwsteen

Het is een woord dat klinkt als een fluistering uit een tijd waarin geen telescopen bestonden, geen wetenschappelijke modellen, geen sterrenkaarten. En toch wijst het rechtstreeks naar iets wat wij nu herkennen: het universum waarin waterstof het meest voorkomende element is.

Zeventig procent van alle materie om ons heen bestaat uit dit oerstofje, de eerste bouwsteen van sterren, planeten en uiteindelijk van onszelf.

Zo suggereert de Torah, al in haar eerste ademtocht, niet een blauw gewelf boven onze hoofden, maar een diep, pulserend heelal vol waterelementen, het begin van een chemie die miljarden jaren later leven mogelijk zou maken.

Verborgen schat

En dan is er nog een andere schat verborgen in de Hebreeuwse zin. Het is een grammaticale aanwijzing die gemakkelijk over het hoofd wordt gezien, maar die van onschatbare betekenis blijkt.

In het Hebreeuws wordt het lijdend voorwerp vaak voorafgegaan door een klein teken, een partikel: de nota accusativi. In gewone zinnen doet het niets spectaculairs; het geeft simpelweg aan wat het onderwerp aan het doen is.

Maar in het scheppingsverhaal gebeurt iets bijzonders.

Wanneer dit partikel verschijnt in combinatie met het woord voor ‘de’ of ‘het’ krijgt het een extra, dieper niveau. Het markeert iets wat door Elohiem wordt goedgekeurd, vastgelegd en als definitief compleet wordt beschouwd.

Een merkteken dat zegt: dit is van vaste samenstelling, klaar voor zijn rol in het grotere geheel. Let op… dit is fundament. Dit staat vast.

Wat Elohiem op die manier markeert, blijft in essentie gelijk. Ook wanneer het zich later ontvouwt, uitbreidt of onderdeel wordt van een nog groter kosmisch proces.
Het is alsof de tekst fluistert: “Let op… dit is fundament. Dit staat vast.”

Zo opent de Torah haar scheppingsverhaal niet alleen met poëzie, maar ook met precisie.
Met taal die zowel mysterieus als natuurkundig klopt, zowel oeroud als toekomstgericht is. Alsof de tekst over de schouder van de tijd heen kijkt, en ons wil laten zien hoe alles begon:
met een oerkracht, een heelal vol waterelementen en enkele zorgvuldig gemarkeerde fundamenten die de basis zouden vormen voor alles wat ooit zou volgen.

Uit het niets scheppen

En dan is er dat ene werkwoord dat als een sleutel door de tekst heen schittert: bara. Wij vertalen het vaak eenvoudig als ‘scheppen’, maar het betekent meer.

Het verwijst naar een scheppen uit het niets, een voortbrengen dat geen uitgangspunt nodig heeft. Daarom staat er in de tekst een van de raadselachtigste zinnen die de mens kent:
“De Schepper schiep zichzelf – bara Elohiem – uit het niets.”

Voor ons, mensen, is dat nauwelijks, nee helemaal niet, voor te stellen. Ons denken is gebaseerd op oorzaken en gevolgen, op begin en vervolg. Maar deze zin doorbreekt dat allemaal. Hij wijst op een oorsprong die zich aan elke logica onttrekt: een kracht die zichzelf voortbrengt en tegelijk al bestaat. Een cirkel die geen beginpunt heeft, een vuur dat zichzelf ontsteekt.

Buiten de tijd

De voorgeschiedenis van Elohiem – ervan uitgaande dat die er is – blijft voor de mens onbekend.
Niet omdat die geschiedenis verborgen wordt gehouden, maar omdat ze buiten de tijd ligt, buiten het domein waar ons begrip kan reiken.

Twee perspectieven op dezelfde oerkracht

Zo laat de tekst ons aan de rand van het mysterie staan: Een Schepper zonder oorsprong, een kracht die zichzelf herschept, een universum dat meebeweegt in een oneindige stroom van worden en zijn.

De begrippen ‘een nieuw begin van Elohiem’ en ‘in een nieuw begin had Elohiem geschapen’ staan niet tegenover elkaar. Ze bestaan naast elkaar, als twee perspectieven op dezelfde oerkracht. Het ene legt de nadruk op het moment, het andere op het proces. Samen laten ze zien dat het begin niet één punt in de tijd was, maar een voortdurende beweging.In het Engels kan dit wonderlijk precies worden gevangen:

Every moment the being is renewing it, him, herself.
And according to that the universe renews.

Het is niet alleen Elohiem die zichzelf vernieuwt, ook de mens beweegt mee.
De mens groeit, ontwikkelt, ontvouwt zich en dat proces versnelt wanneer hij leeft in het nu, in zijn. In die diepte van bewustzijn waarin geen verleden of toekomst bestaat, slechts aanwezigheid.

Niet afstand, maar verbinding

Wat Elohiem tot Schepper maakt, is niet afstand, maar verbinding.
Een bewuste verbinding met alle elementen, met alle bewegingen, met alle hemellichamen die in hun dans door het heelal gaan. De Schepper schept zichzelf voortdurend en is een steeds vernieuwende, onuitputtelijke, bezielende kracht.

Elohiem initieert het proces én is er tegelijkertijd een onderdeel van.
Elohiem schiep de oerknal en was tegelijkertijd in de oerknal aanwezig.

Het was een nieuw begin van een kracht die zichzelf voortdurend schept, hervindt, uitbreidt, terugkeert tot zijn. Steeds opnieuw, in elke vonk van energie, in ieder bewegend atoom.


cover: fragment uit rabbijn met Torarol, Marc Chagall. Gezien Roubaix, foto Bloom, 2024

Over Simon Cohen 9 Artikelen
Simon A. Cohen, Rotterdam(1948) was ondernemer en vermogensbeheerder. Winnaar Rotterdamse Ondernemersprijs 2003. Lid NIK en het Verbond Liberale Jodendom. Voormalig voorzitter: NIG Rotterdam; Convent der Kerken en Synagogen; Landelijke Dialoogcommissie Verbond; OJCM; Coalitie ter voorkoming spanningen in stad. Actieleider toneeluitvoering Fassbinder ‘Het vuil, de stad en de dood,’ 1987. Studeerde aan het Nederlands Israëlitisch Seminarium klassiek Hebreeuws en filosofische achtergronden Jodendom.

3 Comments

  1. Geachte Simon Cohen,
    Wat een diepzinnig beschouwend stuk heeft u met lezers dezes willen delen.
    Ik zal het artikel meerdere malen moeten herlezen om uw interpretatie van het scheppingsverhaal eigen te maken.
    Shabbat Shalom
    Cornelia van Deursen-Vugts

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*