Literatuur

‘Jullie mensen’ en dat ook nog met die Beierse tongval

‘Waarom denken jullie mensen dat ze altijd met de hele familie op bezoek moeten komen?’ Radioloog dokter Conrad staat in de open balkondeuren, zijn handen losjes in zijn jaszakken. Beneden loopt het parkeerterrein langzaam vol. Na onze patiëntenronde begint het bezoekuur. Herr Kollega, zo vervolgt hij hoofdschuddend, ‘kinderwagens, met nog een paar loslopende kinderen er omheen, de nodige ooms en tantes, en dan ook nog een opa en oma in het kielzog.’ De minachting klinkt … [Lees verder]

Literatuur

Natuurlijk weten meneer Shlezinger en zijn dochter vast wel dat ik zelf ook Joods ben

Samen bekijken we nog een keer de scan. ‘De tumor is kleiner geworden. Maar’, terwijl ik dit zeg zie ik hoe de man naast me met zijn zorgelijke blik over zijn snor wrijft, ‘het is nog niet zoals we het willen hebben. De druk op de parietaalkwab van de hersenen is niet minder geworden. Daardoor heeft uw vrouw dat gebrek aan herkenning van dingen. En kan ze zich niet goed oriënteren op wat nu precies … [Lees verder]

Professor Zelig Zelmanovitch

Hasjiweinoe, Hij laat ons terugkeren

14 augustus 1943 Door de openstaande kazernedeuren loop ik naar buiten. Twee van de autospuiten zijn nog niet terug. Ook de ‘Jan van der Heiden’ ligt niet aan de kade. Het moet dus wel een behoorlijke fik zijn. De klok naast de poort vertelt me dat het tien voor twee is. Eigenlijk had ik al lang willen slapen. Maar niet in de kazerne. Voor mij is dit de laatste nacht. Ik steek voorzichtig door de … [Lees verder]

Professor Zelig Zelmanovitch

Thuis, in dat smalle bedje

10 augustus 1943 ‘Jij was aan het brandjes blussen vanuit de kazerne. Ik zat ergens aan de Zuiderzee te rotzooien bij die legerkampen van de moffen. Onderhand hadden we in de stad ook nog die twee grote razzia’s in mei en juni. Ook ik heb er niets van gehoord.’ Ik staar naar de grond. ‘Dit was het laatste van de gracht dat ik hier in Mokum nog had. Jaap en Brammetje in het weeshuis. Omdat … [Lees verder]