Schilder Moos Cohen overwoog rabbijn te worden

Slagerszoon Moos Cohen (Tiel, 1901 – 1942 Auschwitz) volgde de Rijksacademie in Amsterdam in plaats van de opleiding tot rabbijn.


Cohens eerste adres in Mokum was van 1921-22 de Karel du Jardinstraat 48, aan de zuidzijde van De Pijp. Moos had rabbinaal onderricht ontvangen en had zelfs overwogen rabbijn te worden, maar ging in 1921 toch naar de Rijksakademie, om die pas zeven jaar later te verlaten. Studerend aan de Rijksacademie op de Stadhouderskade 86 tekende hij veelvuldig in de Jodenhoek.

Als bewonderaar van de Vlaamse Primitieven ging hij ertoe over, net als de neorealisten Carel Willink en Pyke Koch, zijn eigen verf te mengen. Na voltooiing van de academie in 1928 bleef hij in Amsterdam werken en werd hij lid van de in 1935 opgerichte Populistenkring die zich ten doel stelde “kunst te scheppen die voor het volk begrijpelijk is, die tot de volksziel spreekt” in een transparante, figuratieve stijl. Hij paste die stijl toe in zijn belangrijkste opdracht, een groot fresco in het schaftlokaal van de Stadsreiniging in 1940. 

In 1937, een jaar voor zijn huwelijk met Geertruida Bessem, verhuisde hij naar Stadhouderskade 135 driehoog. Hoewel hij als Gelderlander geen aansluiting vond bij het joodse kunstenaarsleven in de hoofdstad, onderhield hij een goede vriendschap met de beminnelijke tekenares Ro Mogendorff (Amsterdam, 1907 – 1969 Laren). Zij mocht zijn Amsterdamse atelier gebruiken toen hij in Antwerpen verbleef.

Fresco voor de Stadsreiniging

Cohens eerste en laatste openbare opdracht ontving hij in 1940: twee wandschilderingen in het trappenhuis (of in het schaftlokaal; bronnen verschillen van mening) van de Dienst Stadsreiniging aan de Bilderdijkkade in West.

Moses Cohen, De schoone stad aan ’t IJ (fragment met straatvegers), 1940, fresco, De Hallen

Daarop staat de stedemaagd als jonge vrouw in eigentijdse kleding met vuilnislieden en straatvegers onder de tekst ‘Amsterdam die schone stad’. Na de sloop van het gebouw werden de schilderingen met muur en al herplaatst in het pal daarachter gelegen complex De Hallen, ooit hoofdkwartier van de Gemeentetram.

Op die plek in De Hallen onder het fresco van Moos Cohen wordt jaarlijks een 4 mei herdenking gehouden voor de vermoorde Joodse inwoners van Amsterdam Oud-West.

Via Drancy naar Auschwitz

Cohen werd in 1942 opgepakt tijdens een poging naar Zwitserland te vluchten. Na te zijn opgesloten in het Franse doorgangskamp Drancy werd hij dat jaar nog vermoord in Auschwitz. Zijn weduwe hertrouwde in 1947 en verhuisde naar Antwerpen.


Dit is een van de 434 adressen in Cultuuratlas van Amsterdam: De Pijp, te bestellen bij de auteur. Met 365 afbeeldingen, waarvan 74 in kleur.


cover: Moses Cohen, De schoone stad aan ’t IJ (fragment ‘de de stedemaagd), 1940, fresco, De Hallen

Over Michel Didier 18 Artikelen
Michel Didier (1960) is kunst- en cultuurhistoricus en schreef enkele boeken en 500+ artikelen voor onder andere De Groene Amsterdammer, het NIW, Origine en Carp over kunst, muziek, film en fotografie. Voorts geeft hij vele lezingen, cursussen, rondleidingen en stadswandelingen. Op zijn website www.kunstgeschiedenisamsterdam.nl onderhoudt hij drie weblogs, waarvan eentje over schilderkunst & muziek.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*