Verhalen

Het komt uit een goed hart

Wanneer we in het buitenland zijn, houden we ervan om een stad echt te leren kennen.  Niet zozeer via musea, maar door simpelweg door de straten te lopen en de mensen te observeren. Mijn favoriete steden zijn New York, maar ook Istanbul – in veiliger tijden – en Hongkong. Op die laatste stad zijn we heimelijk verliefd op geworden.  Je zou kunnen zeggen dat we niet zo van het groen zijn, het beton en de … [Lees verder]

Parasja

‘Wie met monsters vecht, moet oppassen zelf geen monster te worden’

Ya’akov zegent aan het einde van leven zijn twaalf zonen met een profetische toespraak vol verborgen toespelingen. Daarbij worden veel van zijn zonen vergeleken met dieren.  Midden in zijn redevoering, direct na de zegening van Dan, onderbreekt hij zijn vertoog met een uitroep in de eerste persoon: ‘Lisjoeatecha kiviti Hasjeem – Op uw verlossing wacht ik, Hasjeem!’ (Beresjiet 49:18). Wat is de betekenis van deze uitroep, en waarom volgt deze direct op de zegening van … [Lees verder]

Kunst en Cultuur

Veelzijdig kunstenaar Bernard Canter weekte bij sommige Tachtigers flink wat antisemitisch vuil los

Als jonge criticus werkte Bernard Canter (Utrecht, 1871- Scheveningen, 1956) enige tijd op het advocatenkantoor van voormalig Tachtiger Willem Paap. Tot Paap hem ontsloeg, omdat hij voor een deurwaarder bestemd geld had gebruikt voor Spaanse les. Daarop waagde Canter zich aan een literaire carrière, hetgeen bij sommige Tachtigers flink wat antisemitisch vuil losweekte. Willem Paap, evenals Frederik van Eeden en Ko van Looij lieten zich regelmatig antisemitisch uit, zelfs over hun mede-Tachtigers Arnold Aletrino, Isaac Israels en … [Lees verder]

Feuilleton

Toli, zit je weer te dromen? 

2 februari 2009 Op maandagmorgen is het druk in Clapton Common, de straat die de Londense wijk Stamford Hill in tweeën snijdt. Van beide kanten baant het verkeer zich een weg tijdens de ochtendspits.  De rode dubbeldekker stopt voor mijn neus bij het zebrapad waar wij, een grote groep in zwart geklede jongetjes, oversteken. Sommigen van ons zijn getooid met een hoed. Daaronder gezichten, omlijst met naar beneden hangende netjes gekamdepeijes. Ikzelf draag nog geen … [Lees verder]