Ruth Feigenbaum: ik vrees onze veilige haven te verliezen

Nadat ik keek naar de NPO-docu ‘Het Geweten van Israël’ vond ik woorden die al langer in mij rondzingen, maar zich niet lieten vangen.

Het is winter 1944 en een klein groepje vrienden voert elke avond dezelfde discussie. Het is de bedoeling dat ze overdag nieuwe argumenten vinden om in de avond te gebruiken. Avond na avond wordt dezelfde vraag van alle kanten belicht.

Ben je beter af als gevangene in Auschwitz of als kampbewaarder buiten? Keer op keer is de eindconclusie dat je beter af bent als gevangene. Niemand wil uiteindelijk verworden tot de mens die je moet zijn als kampbewaarder.

Mijn vader was een van hen en vertelde dit verhaal regelmatig. Ze waren met z’n vijven en bevonden zich in het zwartst van de nacht in de winter van 1944 op 1945 in Auschwitz. Ik was trots op mijn vader. Hij was mens gebleven onder mensonterende omstandigheden.

Ook na de oorlog was hij tegen de doodstraf en een van de eersten die door had dat er in Duitsland met een jongere generatie iets moois op gang kwam. Hij vond dat een kind nooit verantwoordelijk mocht zijn voor de daden van zijn ouders.

Wat zou dit groepje vrienden en wat zou mijn vader nu gedacht hebben over de situatie Israël-Gaza? Kort na de zesdaagse oorlog in 1967 zei mijn vader dat het uiteindelijk een volk zal corrumperen wanneer het een ander volk langdurig onderdrukt. Mind you mijn vader was een overtuigd zionist en heeft na zijn pensionering met veel plezier vrijwilligerswerk gedaan bij de IDF (Israëlisch leger). Hij overleed in 2009 na een ongelofelijk zwaar psychisch lijden waarin hij zich terug waande in het kamp. 

Ik heb stiekem gedacht dat we beter waren. Dat mijn volk sommige dingen nooit zou laten gebeuren.

Vanaf mijn tiende jaar wist ik dat ik Joods was en ik realiseerde me dat mijn ouders verschrikkelijke dingen hadden meegemaakt. Ik moest het de moeite waard maken voor mijn ouders dat ze hadden overleefd. Ik werd een trotse Joodse vrouw. Trots op het volk waar ik uit voortkwam, trots op mijn ouders en op hun vrienden, die ondanks alles wat ze hadden meegemaakt een leven opbouwen.

Ik durf het nauwelijks te zeggen, laat staan nu hier op te schrijven, maar het is voor het eerst van mijn leven dat ik me afvraag hoe het is met die trots. Ik herinner me mijn vaders ongeloof dat er hoeren en criminelen waren in Israël toen hij er de eerste keer was. Ik keek hem aan en zei: ‘We zijn een gewoon volk papa. We zijn niet beter dan anderen.’ Maar ik realiseer me nu pas dat ook ik stiekem heb gedacht dat we beter waren. Dat mijn volk sommige dingen nooit zou laten gebeuren.

De lijst is eindeloos lang, maar niet eerder liep er een rood lint door de stad van protest.

Opeens vraag ik me af of dat ook de reden is dat de wereld voor Israël andere maatstaven lijkt te stellen dan voor andere landen en volkeren. Wordt er stiekem, misschien zelfs onbewust, aangenomen dat Israël moreel hoogstaander moet zijn? Want waarom hebben wij, De Wereld, nooit een rode lijn gesteld aan Verwoerd tijdens het apartheidsbewind in Zuid-Afrika? En toen de Tutsi’s werden afgeslacht in Rwanda of in Syrië de Druzen, of de moordpartijen in Cambodja. De lijst is eindeloos lang, maar niet eerder liep er een rood lint door de stad van protest.

Ik ben bang dat de wereld, evenals ikzelf, inderdaad van Israël een andere houding verwacht dan van enig ander land of volk.

Dagelijks zie ik beelden uit Israël en Gaza. Ik volg niet alleen de eenzijdige berichtgeving van de NOS, maar ook CNN en Israëlische media. Israël, het land waar ik me thuis voel, veilig. Daar ben ik niet anders dan de mensen om me heen. Onze veilige haven, het land waar we altijd naartoe zouden kunnen. Ik ben bang dát te verliezen!

Ik schrik me kapot als ik sommige Israëlische politici hoor beweren dat Palestijnen geen mensen maar beesten zijn. Dat je kinderen maar beter kunt afmaken, omdat het later toch allemaal leden van Hamas worden. Dat je heel Gaza met de grond gelijk moet maken zodat de Gazanen naar elders verhuizen en er een groot Israël kan komen. 

Een tijd geleden was ik in Israël bij een grote demonstratie. Wat een verdriet, pijn en bovenal machteloosheid zag ik in de gezichten om me heen. Hiervoor hebben mijn vrienden die nu wekelijks meerdere keren demonstreren niet gewerkt en hun kinderen grootgebracht.

‘Ruth, jullie moeten je mond open doen in Europa,’ appte een goede vriend uit Israël. Hij stuurde een foto. ‘Ik sta hier met een foto van een dood kind uit Gaza, de dag na de geboorte van mijn eerste kleinkind. Mijn zoon denkt erover om te vertrekken met vrouw en kindje.’

Ik stel mezelf vragen die lijken op de vragen uit 1944 in Auschwitz en ik schrik, maar ik maak keer op keer dezelfde keuze. 

Zo voelt het nu, bijna twee jaar na de vreselijke slachtpartij van Hamas in het zuiden van Israël.


Het Geweten van Israël werd op maandag 1 september 2025 om 20:30 uitgezonden op NPO 2


cover: screenshot uit Het Geweten van Israël

Over Ruth Feigenbaum 5 Artikelen
Ruth Feigenbaum, vrijgevestigd in haar eigen praktijk te Den Haag, is psychoanalytisch psychotherapeut, supervisor en leertherapeut. Zij is gespecialiseerd in trauma in het algemeen en transgenerationele traumatisering in het bijzonder. In 1999 publiceerde zij de roman In April Was Het Gras Op (uitg. Podium 1999) en recent maakte zij een video voor de virtuele herdenking van Mauthausen die online is te vinden: ‘By April the grass was gone.'

1 Comment

  1. Ook ik worstel er dag in dag uit mee, de nachten inbegrepen,en kom telkens weer tot de conclusie, dat Joden en Jodinnen geen betere mensen zijn. Ze zijn net als alle anderen. Dat er een “thuisland” nodig werd, ligt niet besloten in de aard en de wil van een “Joods volk”, maar in het bljkbaar onverwoestbare antisemitisme. En ook in Israel blijven alle inwoners heel gewone mensen, het Joodse deel van de bevolking evenzeer als het Palestijnse. Organisaties zoals “Hand in Hand -Jewish-Arab Education” en “Parents Circle Families Forum” geven hoop en laten zien, dat samenleven mogelijk is. Ook mijn vader geloofde, na terugkeer uit Westerbork, Auschwitz, Mauthausen, Melk en Ebensee, vast in de mogelijkheid van een vreedzaam samenleven. Hij droeg het in zijn handelen uit. We moeten erin blijven geloven, maar we moeten, als weer eens, zoals sinds eeuwen, de vernietiging dreigt, sterk blijven en ook Israel blijven verdedigen, met als vreedzaam perspectief een samenleven met alle Arabische landen, in de hoop dat daar dan ook weer Joden en Jodinnen zullen mogen wonen…

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*