Waarneembaar licht dat de aarde bereikt

schilderij met hebreeuwse letters op opengeslagen Tora - fragment uit werk van Marc Chagall

Genesis / Bereshiet 1:15

Klassieke vertaling: En zij zullen zijn tot lichten in het uitspansel van de hemel om licht te geven over de aarde.’ En het was zo.

Hertaling

En zo waren stralingsdragers in uitspansel ‘het heelal’ om op de aarde te laten schijnen. En liet het zo zijn.

Het moment waarop het licht zijn richting vindt

In deze zin wordt het heelal niet omschreven,
maar benoemd – als een eigennaam.
Een domein, een ruimte met identiteit,
de grote overkoepelende sfeer
waarin de stralingsdragers hun plaats krijgen.

En dan gebeurt iets dat alleen in de Hebreeuwse tekst is te volgen:
de nadruk verschuift.

Het gaat hier niet meer over het verzamelen van licht door dragers,
maar over de bron vanwaar het licht vertrekt,
het waarneembare licht dat de aarde bereikt.

Niet de handeling staat centraal,
maar het licht zelf.

Opmerkelijk is dat het aantal stralingsdragers
nog steeds niet wordt genoemd.
Geen opsomming,
geen aanwijzing van hoeveelheid –
slechts de aanwijzing dat zij zullen zijn.

Het voelt als een stil gebaar van Elohiem,
alsof Elohiem de lezer wil laten vermoeden
dat er in wezen één ware stralingsbron is –
wat wij later de zon zullen noemen –
maar dat er verschillende lichamen zijn die dat licht dragen, 
doorgeven of weerkaatsen.

Eén zichtbare bron.
Verschillende dragers.
Eén oorsprong van warmte.
Meerdere punten van licht die de aarde bereiken.

Het heelal verschijnt zo als een veld van lichtplekken –
punten waar licht zichtbaar wordt en de aarde bereikt,
de wereld rakend, vormend, verhelderend.

Vastgesteld, vaststaand en goed

En dan volgt de afronding:
dezelfde formule die elke scheppingsstap bekrachtigt.

Vastgesteld – de beslissing is genomen.
Vaststaand – het kan niet meer worden teruggedraaid.
Goed – de grondtoon die geen grens kent,
die niet wijst op oordeel,
maar op harmonie.

Zo wordt de functie van de stralingsdragers
– licht geven op aarde – niet alleen benoemd,
maar in de structuur van de schepping verankerd.

Het licht heeft nu:
Een richting.
Een plaats.
Een bedoeling.

En vanaf hier kan de schepping verder worden verlicht.

Betekenis en context 

In deze zin wordt voor het eerst de functie van de stralingsdragers expliciet genoemd: zij zijn er om op de aarde te schijnen. Daarmee krijgt hun aanwezigheid een duidelijke richting en doel.

Het uitspansel wordt hier niet langer beschreven als een ruimte die wordt gevormd, maar als een domein waarin deze lichtbronnen hun plaats hebben en hun werking uitoefenen.

De zin eindigt met een bevestigende formule. Daarmee wordt vastgesteld dat deze ordening voltooid is en vaststaat: de stralingsdragers hebben hun plaats gekregen en hun taak – het verlichten van de aarde – is bepaald.

  Grammaticale en tekstuele analyse

We’hajoe (והיו) ‘en zo waren’

We’hajoe behoort tot de voltooide vormen binnen de Torah, in tegenstelling tot de werkwoordsvormen met de omkeer-waw.
Deze vorm verwijst terug naar wat in 1:14 door Elohiem is gezegd en daar is vastgesteld. 

Om deze verwijzing in het Nederlands weer te geven kan een constaterende voortzetting worden gebruikt, bijvoorbeeld met het woord ‘zo’.

Een letterlijke weergave als ‘en zij waren geweest’ zou onnodig zwaar en onnatuurlijk klinken.

In klassieke vertalingen loopt de vorige zin grammaticaal door in deze zin. Daarom worden aan het einde van de vorige zin en aan het begin van deze zin geen aanhalingstekens geplaatst. 

Deze hertaling gaat ervan uit dat deze zin niet meer behoort tot wat Elohiem zegt, maar tot wat daarna wordt vastgesteld. Daarom zijn er hier geen aanhalingstekens gebruikt.

lim’orot (למאורת) ‘tot stralingsdragers’

lim’orot wordt anders gespeld dan in 1:14. Het woord me’orot bevat nu een waw, terwijl in 1:14 beide waw’s ontbraken. Daarmee verdwijnt de mogelijke woordspeling met arah (‘plukken’ of ‘inzamelen’) die in de vorige zin nog meespeelde. De toevoeging van deze waw legt de nadruk op de plaats van waar het licht vertrekt.

Tegelijk ontbreekt nog steeds de tweede waw die normaal de meervoudsvorm aanduidt. Een verklaring die door vroegere geleerden is gegeven, is dat het aantal stralingsdragers in deze zin nog niet expliciet wordt genoemd; dat gebeurt pas in de volgende zin. Door het ontbreken van deze tweede waw kan de nadruk liggen op één werkelijke stralingsbron, terwijl er tegelijk sprake is van meerdere lichamen die dit licht dragen. Wat die ene bron is, wordt pas later in de tekst expliciet gemaakt..

birkia  ha’sjamajiem  le’ha’ier  al-ha’arets  

(ברקיע השמים להאיר על-הארץ)

‘in uitspansel ‘’het heelal’’ om op de aarde te laten schijnen’  

Hier wordt ‘het heelal’ als eigennaam gebruikt

Ha’ier is de veroorzakende hif’il-vorm van het werkwoord or (‘licht geven’ of ‘schijnen’). 

In deze zin wordt tweemaal het Hebreeuwse voorzetsel le gebruikt: lim’orot en le’ha’ier. Samen vormen zij één functieaanduiding.

Lim’orot duidt aan wat zij zijn: stralingsdragers.
Le’ha’ier geeft aan waartoe zij er zijn: om licht te laten schijnen op de aarde.

De dubbele le-constructie beschrijft dus geen gebeurtenis maar een toewijzing van functie. In het Nederlands kan deze combinatie worden samengevat als: ten behoeve van het laten schijnen op de aarde. Zo vormen lim’orot en le’ha’ier één grammaticale eenheid waarin identiteit en gerichtheid met elkaar verbonden zijn.

wa’jehie-cheen (ויהי-כן) ‘en liet het zo zijn’ 

Deze afsluitende formule bevestigt dat de ordening definitief is. Er wordt een punt gezet: het is vastgesteld, vaststaand en goed. Zie 1:7.

Gelaagde lezing

Wanneer de grammaticale, tekstuele en ordenende lagen samen worden genomen, kan de zin als volgt worden gelezen:

En zo waren stralingsdragers in uitspansel ‘het heelal’ om op de aarde te laten schijnen. En liet het zo vastgesteld, vaststaand en goed zijn.


Zie de andere delen van deze serie Hertaling van het eerste hoofdstuk van Bereshiet

De Torah opent als een filmshot na de Oerknal Genesis / Bereshiet 1:1
Daar is water Genesis / Bereshiet 1:1-10
Onheil ligt op de loer Genesis / Bereshiet 2:9
Jij bent niet buiten Elohiem Genesis / Bereshiet 1:2
Energie wacht om richting te krijgen Genesis / Bereshiet 1:3
Wanneer onderscheid orde schept Genesis / Bereshiet 1:4
Slotakkoord van jom één Genesis / Bereshiet 1:5
Elohiem richt de blik Genesis / Bereshiet 1:6
Er komt ruimte voor adem Genesis / Bereshiet 1:7
Het uitspansel dat we dampkring zijn gaan noemen Genesis / Bereshiet 1:8
Het water wijkt Genesis / Bereshiet 1:9
Het land verschijnt, het water verandert Genesis / Bereshiet 1:10
Uitnodiging aan de aarde zelf Genesis / Bereshiet 1:11
Zaad dat terugkeert naar de aarde Genesis / Bereshiet 1:12
(red.: 1:13 ontbreekt)
Letters ontbreken, inzicht ontstaat Genesis / Bereshiet 1:14


cover: fragment uit schilderij van Marc Chagall, foto Bloom, 2024

Over Simon Cohen 19 Artikelen
Simon A. Cohen, Rotterdam(1948) was ondernemer en vermogensbeheerder. Winnaar Rotterdamse Ondernemersprijs 2003. Lid NIK en het Verbond Liberale Jodendom. Voormalig voorzitter: NIG Rotterdam; Convent der Kerken en Synagogen; Landelijke Dialoogcommissie Verbond; OJCM; Coalitie ter voorkoming spanningen in stad. Actieleider toneeluitvoering Fassbinder ‘Het vuil, de stad en de dood,’ 1987. Studeerde aan het Nederlands Israëlitisch Seminarium klassiek Hebreeuws en filosofische achtergronden Jodendom.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*