Parasja

Hemelse wezens en vrome fraude

Dat het joodse volk vroeger meerdere goden kende, wordt ons jaarlijks door de Haggada bevestigd: “In het begin dienden onze voorouders afgoden, maar nu heeft God ons tot Zijn volk gemaakt”. Soms vinden we nog overblijfselen terug uit deze heidense tijd in de Tenach zelf. Zoals ook in onze parasja. Het lied van Mosjé Het grootste gedeelte van deze parasja (Dewariem 32:1-43) is een gedicht dat “Het lied van Mosjé” wordt genoemd. In de Tora wordt … [Lees verder]

Parasja

Mosjé is bang, maar accepteert dat hij moet sterven

De parasja van deze week, vajelech, is kort. Mozes spreekt over wat er zal gebeuren na zijn dood: het volk gaat het land wel in, maar zal zich daar niet gaan houden aan de afspraken met de Eeuwige. Het gevolg zal zijn dat het volk gestraft zal gaan worden. We kunnen uitgebreid discussiëren over hoe dit zich nu verhoudt met de vrije wil (als we nu al weten dat we toch gestraft gaan worden, hoe … [Lees verder]

Parasja

Nitzavim: Kies voor het leven!

Sommige mensen zeggen dat de Torah primair een religieus boek is. “Ik geloof niet in God” is voldoende reden om de Torah en bijkomende teksten weg te leggen en alles wat er in staat te diskwalificeren als niet-actuele proza. Zelfs de Bijbel zelf is het hiermee oneens. De naam van de Torah alleen al: het betekent eerder “leer” dan “geloof”. Er staat ook nergens in de Torah dat je iets moet geloven. Je moet doen.  … [Lees verder]

Parasja

Hoe een Tiende naar de Tempel wordt gebracht

Ki Tawo (Dewariem 26:1-29:8) opent met de opdracht om na de Intocht in het Beloofde Land de eerste vruchten in een mandje te leggen en naar de priester te brengen in de Tempel. Bikoeriem komt van het woord ‘bechor’, eerstgeborene, eerstgerijpte, eersteling dus. De opening: “En het zal zijn (wanneer je in het land zal komen…) ” (wehaja) wordt als een uiting van vreugde gezien. Vreugde om de aankomst in het land en het zich … [Lees verder]