We hebben een klik met een blik

kandelaar met zes kaarjes in de kleuren geel en blauw

Drie weken hebben we in de buurt van New York genoten van onze kleinzoon. 

Ik weet niet of dit voor iedere grootouder geldt, maar iedere keer als we weggaan, heb ik het gevoel dat je hem nog meer mist dan de keer daarvoor. Gelukkig kunnen we weer aftellen tot de volgende keer.

Maar het is ook heerlijk om weer thuis te zijn. Vanochtend was ik door de jetlag vroeg wakker en mocht ik genieten van Yerushalayim dat langzaam ontwaakte.

Zo’n reis is lang – twaalf uur vliegen – maar soms ook heel bijzonder.

Toen we op het vliegveld in New York aankwamen, zagen we een grote familie bij elkaar zitten eten. Het was een uur of zes ’s avonds. De moeder/oma klampte Tali (mijn vrouw) aan.

“We hebben veel te veel eten bij ons voor het avondeten. Willen jullie wat?”

Tali antwoordde: “Heel lief, dank je wel, maar de dag is nog lang. Misschien willen jullie in het vliegtuig nog wat eten.”

“Ik heb meer dan genoeg. Je bent een Jiddische moeder of niet?” zei ze, terwijl ze haar tassen vol eten liet zien.

We bedankten haar. We hadden zelf net gegeten en natuurlijk ook genoeg eten bij ons.

In de lounge zat een vader met zijn zoon te wachten. Ze spraken een taal die ik niet thuis kon brengen, dus ik vroeg hem waar hij vandaan kwam.

“Uit Panama,” zei hij. “Oh,” zei ik, “daar gaan wij van de winter naartoe.”

“Geef me je telefoon even,” zei hij. Ik gaf hem mijn telefoon en hij zette zijn nummer erin.

“Als jullie er zijn, komen jullie met sjabbes bij ons eten.”

Ik zei dat we dat misschien wel zouden doen, “maar we zijn met z’n vijven.” Dat maakte hem niet uit.

We praatten verder en hij vertelde dat hij zijn zoon naar de jesjiewe in Israël bracht.

“Geef jij je telefoon eens even,” zei ik tegen zijn zoon. Ik zette mijn nummer erin.

“Je hebt een standing invitation. Als je in Israël bent en je wilt komen, ben je altijd welkom.”

De vader was dolblij. Ze hebben namelijk nauwelijks familie in Israël.

Dawenen

Eenmaal in het vliegtuig zat aan de andere kant van het gangpad een chassied. Urenlang zat hij te leren of Tehillim te zeggen.

Tot ik hem ongeveer een uur voordat we landden aansprak. “Ben je niet vergeten te dawenen?”

“Ik weet door al die tijdsverschillen niet precies hoe laat het is en tot wanneer ik nog kan dawenen,” antwoordde hij.

Ik liet hem op het scherm de app zien waarop je precies kon zien waar het vliegtuig zich bevindt en welk Joods dagdeel het daar is.

Hij had nog een half uur en was me innig dankbaar.

Tali zei daarna: “Al deze dingen maak je alleen mee op een ELAL-vlucht.”

En dat klopt.

Waar we ook vandaan komen en hoe verschillend we soms ook zijn, er is die herkenning. Soms is er niet meer nodig dan één blik.

We hebben een klik met een blik.


cover: collage Bloom, 2021

Over Jair Eisenmann 100 Artikelen
Jair Eisenmann is echtgenoot, vader en grootvader. Hij is geboren en getogen in Amsterdam. Jair is ondernemer in de farmaceutische industrie. Binnen joods Amsterdam heeft hij in vele besturen gezeten onder andere bestuur NIHS en hij is medeoprichter van AMOS. Hij was jarenlang actief in de Amsterdamse politiek als deelraadslid van de VVD en later als vice voorzitter VVD Amsterdam. Jair was vooral medeoprichter, en nu voorzitter, van de Stichting Gilat die theatervoorstellingen organiseert in kinderziekenhuizen in Nederland, Curaçao een Israël. Sinds 2021 woont hij in Jeroesalajim.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*