non-fictie en biografieën

Openstaan voor het geconcentreerde nu-moment

Een uitroepteken in de titel en uitspraken als: “We hebben altijd een keuze: we kunnen bij de pakken neerzitten of we kunnen vastberaden zijn en ons een weg naar succes banen” doen ‘zelfhulpboekerig’ aan.  Laat ik daar enigszins allergisch voor zijn. Net als voor de stijl die bestaat uit een dialoog tussen de verteller Quintes en zijn innerlijke bron, aangeduid als ‘de priester’. Bij het gemiddelde zelfhulpboek wordt mijn allergie vooral getriggerd door gemakzuchtige peptalk. … [Lees verder]

non-fictie en biografieën

Is direct contact een waagstuk? 

Waarom scheiding zo gek nog niet is, de ondertitel van Van der Vens boek, wekt meteen nieuwsgierigheid op. De combinatie met de titel: Genoeg Verbinding nodigt uit om het boek direct open te slaan. Van der Ven heeft zijn betoog helder gestructureerd en dat kun je onderverdelen in twee fasen. In de eerste benadert hij het begrip verbinding vanuit een filosofisch perspectief. In het tweede deel richt hij zich op de relatie tussen psychiater en … [Lees verder]

Geschiedenis

Atlas van Mokum, hét geschenk voor Amsterdamse ambtenaren

‘Mijn Jarige Stad’ kregen dit jaar alle basisschoolleerlingen van groep 5 tot en met 8 vanwege het 750-jarige bestaan van de hoofdstad. Het is een speels ‘doe-boek’ met wel tweehonderd weetjes. Eén keer komt het woord ‘jood’ voor: bij Anne Frank, de Duits-joodse vluchtelinge. De kleintjes van groep 1 tot en met 4 kregen het voorleesboek ‘Feest in Amsterdam’ met geen enkel woord over de ruim 400-jarige aanwezigheid van een – tot de oorlog – grote … [Lees verder]

non-fictie en biografieën

Emigreren met de vreemde taal in de vuist

Het bericht over het Jiddisj–Nederlandse woordenboek dat Justus van der Kamp in jarenlange noeste arbeid opbouwde*, herinnerde me aan een van de schatten in mijn Jiddisje bibliotheek: een vroeg twintigste-eeuws lilliput-woordenboek Jiddisj-Engels. Justus van der Kamp heeft deze kleinood niet, dat heb ik hem natuurlijk gevraagd. Het woordenboek is echt heel klein: het past in een gesloten vuist. Het werd waarschijnlijk op de markt gebracht ten behoeve van de emigranten in de vroege twintigste eeuw. … [Lees verder]