Zonder toeters en bellen: grand entree van het nieuwe jaar in stilte

rosj hasjana 5787

Onlangs zat ik in een gezelschap van mensen met aanzienlijk meer levenservaring – en dus ook meer wijsheid – dan ikzelf. Met het oog op het naderende joodse nieuwjaar zei ik vol enthousiasme: “Het wordt een bijzonder jaar!” Waarop een van de aanwezigen droogjes reageerde met een bekend spreekwoord: “Je mond zal koekjes eten!” 

“Uiteraard,” kaatste ik terug, “honingkoek hoort erbij!”

Dit nieuwe jaar, 5787, maakt een grand entree, maar wel op een heel paradoxale manier. De kalender laat een zeldzaam fenomeen zien: het jaar begint op Sjabbat én eindigt op Sjabbat. Wat we daar direct van merken, is een voelbare verandering in de sjoeldienst. Op de eerste dag van Rosj Hasjana wordt er namelijk niet op de sjofar geblazen. Het kan misschien als een enorme tegenvaller voelen, want de sjofar is hét absolute hoogtepunt van de dienst. Waarom maakt dit jaar dan juist indruk door de hoorn te laten zwijgen?

De spiraal van de tijd

Ieder jaar maken we Rosj Hasjana mee, en toch is onze jaarlijkse ontmoeting met het ‘Hoofd-van-het-jaar’ anders dan die daarvoor. Het Hebreeuwse woord Sjana (jaar) is nauw verwant aan Sjone, wat zowel ‘herhaling’ als ‘verandering’ betekent.

De joodse tijdsbeleving is geen statische cirkel; het is een spiraal. We keren terug naar hetzelfde kalenderpunt, maar wel een etage hoger, verrijkt met een jaar aan levenservaring. Er is herhaling, maar alles is anders. En dit jaar stappen we op een heel bijzondere, koninklijke trede van die spiraal.

Schepper moet ‘er weer zin in krijgen’

Om te begrijpen waarom de sjofar dit jaar zwijgt, moeten we kijken naar wat wij normaal gesproken door het blazen van de sjofar bereiken. De chassidische filosofie legt uit dat de schepping geen eenmalige gebeurtenis was, maar een continu proces. Elk jaar op Rosj Hasjana trekt de G’ddelijke levensenergie van het afgelopen jaar zich terug. Er is een hernieuwing nodig; de Schepper moet als het ware ‘er weer zin in krijgen’ om deze wereld in stand te houden.

Op Rosj Hasjana roepen wij: “Regeer over de hele wereld in Uw glorie.” We ‘herinneren’ G’d aan Zijn liefde voor Zijn volk, aanvaarden Hem opnieuw als onze absolute Koning en uiten ons diepste verlangen om Hem nog een jaar te dienen. We proberen de kosmos te reanimeren door het pure enthousiasme van G’d bij de schepping in herinnering te brengen.

Maar soms schieten woorden tekort. Menselijke taal is simpelweg te beperkt om de diepste, meest oprechte gevoelens van de ziel over te brengen. Op dat moment nemen we de sjofar. De eenvoudige, rauwe tonen van de hoorn vormen een woordeloze roep die rechtstreeks uit de kern van onze ziel komt: “Vader, Koning, we hebben U nodig en we houden van U – en we weten dat het wederzijds is!”

Pure plezier 

Op Sjabbat verandert deze hele dynamiek. In tal van chassidische teksten wordt uitgelegd dat er naast de halachische/technische verklaring voor het niet blazen op de sjofar, een veel diepere reden onder schuilt: op Sjabbat is de sjofar simpelweg overbodig. Wat we normaal gesproken met de sjofarklanken proberen te bereiken, gebeurt op Sjabbat van rechtswege, helemaal vanzelf.

Het hoofdthema van Sjabbat is immers oneg – puur plezier, diepe spirituele rust en verlangen. Waar we op doordeweekse dagen G’ds plezier moeten ‘opwekken’ via onze actieve prestaties en mitswot, heeft G’d op Sjabbat simpelweg plezier doordat wij er zijn.

In plaats van het fysieke geluid van de sjofar, is het de sjabbat zelf die het pure enthousiasme van G’d bij de schepping opnieuw oproept. Sjabbat trekt de meest innerlijke G’ddelijke energie rechtstreeks naar beneden in onze wereld. Het verfrist, revitaliseert en laat het innerlijke licht doorschijnen om heel het bestaan te doordringen van betekenis en doel. 

Hoewel we de sjofar zullen missen – en we er in de gebeden bewust bij stilstaan als Zichron Teroea (een herinnering aan het sjofar-geschal) – volbrengt de sjabbat op mystiek niveau precies hetzelfde. De sjofar zou op dat moment afleiden van de pure essentie: het zou ons terugbrengen naar de doordeweekse dynamiek van het ‘moeten presteren’.

Grote sjofar 

Dit jaar, 5787, maakt dus indruk zonder uiterlijk vertoon. Het dwingt ons om te acclimatiseren aan de diepe, spirituele rust van een sjabbatsfeer. G’d zegt dit jaar eigenlijk: ‘Ik ben er al. We hoeven vandaag niet te hutselen. Geniet gewoon van het moment dat we samen zijn.’

Wat kan er in deze hectische tijd beter zijn dan onszelf opnieuw te committeren aan het eren en respecteren van de rust van de sjabbat? Jezelf eens niet laten verleiden door technologie of de constante maatschappelijke drang om overal ‘erbij te moeten zijn’, maar juist focussen om er werkelijk te zijn voor je familie en de gemeenschap.

Het ontbreken van de sjofar herinnert ons tegelijkertijd aan de belofte van de ‘grote sjofar’ die spoedig zal klinken op de dag van de ultieme verlossing. Die grote sjofar symboliseert het allerhoogste niveau van G’ddelijk plezier: de onvoorwaardelijke liefde die de Schepper heeft voor ieder van Zijn kinderen, puur om wie ze zijn. 

Een jaar dat begint én eindigt in het intieme samenzijn. Het belooft, koekjes etend of niet, een magistraal jaar te worden.


cover en beeld: screenshots uit video Rosh Hashanah in a Minute van Chabad dot org

Over Shmuel Katzman 27 Artikelen
Rabbijn Shmuel Katzman is geboren in Brooklyn, New York en groeide op in Crown Heights, waar hij ook zijn rabbinale opleiding volgde. In 1994 werd hij als sjaliach van de Lubavitcher Rebbe uitgezonden naar Nederland. Hij is rabbijn van de NIG Den Haag en coördinator van JLI, het Joods Lern Instituut, de Nederlandse tak van Chabad-organisatie The Rohr Jewish Learning Institute.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*