Aron Hakodesj, pronkstuk van de Haagse sjoel, kwam terecht in Har Nof

Haagse herinneringen #2

 In het jaar 1842 werd de Grote Synagoge in de Wagenstraat, gelegen in de toenmalige Jodenbuurt, officieel ingewijd. 

Het pronkstuk van deze sjoel was de zeven meter hoge Aron Hakodesj (de Heilige Arke) met zijn rijk versierde bovenstuk, oorspronkelijk gemaakt van vuren- en eikenhout.  

Daniel Marot, ontwerper van de Aron Hakodesj

Corien Glaudemans, onderzoeker van de historie van Joods Den Haag, neemt aan dat de beroemde, in Frankrijk geboren Nederlandse architect, meubelontwerper, graveur en tuinarchitect Daniel Marot (1661-1752) de ontwerper is van deze bijzondere Aron Hakodesj.

Marot wordt beschouwd als de schepper van de Hollandse Louis XIV- stijl, daarom werd hij waarschijnlijk benaderd voor het ontwerp van dit bovenstuk van het Aron.

Het bovenstuk wordt gesierd met verschillende Hebreeuwse teksten, waarvan deze (inclusief getallenwaarde van het jaar 5500/1739) de centrale is:

דע שאתה עומד לפני מלך מלכי המלכים הקדוש ברוך הוא

Weet dat je staat voor de Koning der Koningen, de Heilige geloofd zij Hij

Rond 1724 ontwierp hij ook de fraaie Portugese synagoge van Den Haag. Na tweeënhalve eeuw werd deze synagoge in 1976 ingewijd als de sjoel van de Liberaal Joodse Gemeente (LJG) in Den Haag. Het gebouw is een rijksmonument.

Eikenhouten replica

Nadat de Duitsers het Aron Hakodesj in brand gestoken hadden en alleen fragmenten ervan gespaard zijn, is er na de oorlog een eikenhouten replica gemaakt.

Door het sterk teruglopende aantal bezoekers van de in de Haagse binnenstad gelegen Grote Synagoge in de Wagenstraat, sloot deze mooie en imposante sjoel in 1975 als gebedshuis noodgedwongen zijn deuren. Onderzoek wees uit dat de meeste Haagse Joden in Scheveningen en in de wijken Bezuidenhout en Benoordenhout woonden, ver van het Haagse centrum. 

De welvarende Boas schonk in 1739 het rijk versierde bovenstuk van de Heilige Arke. Daarin heeft hij zijn naam (Chaim) en het jaartal 1739 laten verwerken. Foto: Haags Gemeentearchief

Van sjoel naar moskee

De leegstaande sjoel werd in 1979 door een groep Turken gekraakt. Na enige jaren kreeg een Turks-Islamitische vereniging het complex in eigendom en verbouwde het tot moskee.

De Haagse kehilla vond uiteindelijk in de Cornelis Houtmanstraat in het Bezuidenhout een nieuwe plek voor een sjoel. Diverse religieuze objecten van de Grote Synagoge vonden hun plek in de nieuwe ruimte. Maar voor de torenhoge Aron Hakodesj werd geen oplossing gevonden. Bij gebrek aan een passend alternatief werd toen besloten om de onderdelen van de Heilige Arke tijdelijk op te slaan op de zolder van het Joods Cultureel Kwartier.

Het Aron Hakodesj maakt aliya

Toen kwam er een onverwachte wending in deze affaire: twee in Israël woonachtige ex-Hollanders, Mozes Moskovitz en Aron Colthof (mijn neef), dienden een verzoek in bij het NIG van Den Haag om de Heilige Arke over te brengen naar Jeruzalem. Het was hun bedoeling om deze te plaatsen in het in aanbouw zijnde sjoelgebouw in hun woonwijk Har Nof. Deze sjoel wordt door buurtbewoners de ‘Hollandse sjoel’ genoemd. Hollanders spreken gekscherend over de ‘Mozes en Aronkerk’. 

In twee enorm kisten met een gezamenlijk gewicht van 1600 kilo werden de houten schotten van de Heilige Arke door El Al naar Israël getransporteerd. Maar helaas: het prachtige bovenstuk van de Heilige Arke bleek ook voor deze sjoel te hoog en ligt tot vandaag ergens opgeslagen.

Alleen de mooie kast kon worden opgebouwd, maar zonder het pronkstuk van ontwerper Daniel Marot.

Bron: Corien Glaudemans, ‘Joodse Erfgoedroute Den Haag’, in ‘Den Haag Centraal’, 2013


cover: Synagoge in de Wagenstraat, Den Haag, 1844 tekenaar onbekend

Over Jaap Colthof 25 Artikelen
Dr. Jaap Colthof, geboren in Den Haag, woont sinds 1979 in Jeruzalem. De laatste jaren doet hij historisch onderzoek naar de geschiedenis van het Nederlandse Jodendom in de 19de en begin 20ste eeuw. Hij publiceerde een boek met markante verhalen uit Joods Amsterdam rond 1800 en een biografie over de Amsterdamse opperrabbijn Jozef Zvi Dunner. Verder publiceerde hij artikelen in het Nederlands, Hebreeuws en Engels, onder andere over de Rotterdamse opperrabbijn Bernhard Loebel Ritter.

4 Comments

  1. 52 jaar geleden zijn we in deze sjoel getrouwd en herriner ik nog de bima waar een “koortje” van 4 vrienden en familieleden ons toe zong. Maar wat in het gebouw de meeste indruk op mij maakte was deze Aron Kodesh met al zijn pracht, waar onder Rabbijn Vink ons toen toesprak. Misschien dat in de afdeling van Judaica in het Israel museum plaats is om het bovenstuk te tonen. Jaácov Nof

  2. In het stukje van sjoel naar moskee staat niet vermeld dat een groot deel van het interieur,o.a. de bima en de kroonluchter naar de Leidse sjoel zijn verplaatst, waar na een grote renovatie, alles een mooie plek kreeg.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*