Voor de boten uit. 25 jaar Pride Sjabbat aan de vooravond van de Canal Parade

Print Friendly, PDF & Email

25 anekdotes naar aanleiding van
25 jaar Beit Ha’Chidush

“Tenslotte nog een aanwijzing dat Amsterdam geen gek figuur slaat als kandidaat-homohoofdstad in Europa. Sinds kort is er een nieuwe joodse vereniging Beit Ha’Chidush, die anders dan Sjalhomo roze sjabbatdiensten houdt.” Zo schreef Mattias Duyves op 17 februari 1996 in Gay News Amsterdam. 

“Het is de eerste sjoel in Europa”, zo vervolgt Duyves, “die mannen en vrouwen, homo en hetero gelijke ruimte biedt.”

Of het klopt dat BHC de eerste was in Europa weet ik niet, maar het was wel bijzonder dat BHC homo’s en hetero’s als volkomen gelijkwaardig zag. Dus geen plek waar homo’s worden ‘getolereerd’ of ‘geaccepteerd’ en ook geen expliciet ‘roze sjoeltje’, maar juist een plek waar men zich thuis voelt omdat er mensen zijn met verschillende seksuele en gender oriëntaties.

Het taboe op homosexualiteit in joodse kring werd doorbroken door Sjalhomo, in 1980 opgericht om te agenderen dat er joodse homo’s waren die zich niet stil hielden of erom heen draaiden als er werd gevraagd naar een huwelijkskandidaat of kinderwens. Vooral dat laatste was in joodse kring een pijnlijk punt. Kinderen krijgen is in de joodse traditie een verplichting voor mannen. De joodse homo’s voelden die plicht drukken omdat hun ouders, de oorlogsoverlevenden, heel begrijpelijk verlangden naar voortzetting van hun naam, hun familietak nadat die was gedecimeerd in ‘40-’45. Eigenlijk stond de overleving van het hele volk in de waagschaal als er geen joodse kinderen werden geboren… ‘Laat Hitler geen gelijk krijgen’, was niet zelden de reactie op het niet-trouwen van een zoon of dochter. Een zware, loodzware last op de schouders van jonge mensen die bewust joods wilden leven mét een partner van hun sexuele voorkeur.

In de tweede helft van de jaren zeventig groeide gestaag een zichtbare homobeweging in Nederland en terugkijkend waren de joodse homo’s er snel bij met de oprichting van Sjalhomo. 

rozevinger sjoeltje

Mattias Duyves was een collega van me in de journalistiek – ik kende hem van ‘homostudies’ een vak apart dat bloeide in de jaren tachtig aan de Universiteit van Amsterdam. Bovendien stond destijds mijn kantoor naast het statige gebouw waar Duyves woonde met zijn partner de ‘homo-prof’ Gert Hekma. Op de stoep wisselden wij nieuwtjes uit, en de geboorte van een ‘rozevinger sjoeltje’ zoals Duyves het noemde, was het grote nieuws dat ik met hem deelde. 

In een van deze ‘stoepsessies’ op de Oudezijds Voorburgwal (onze woon- danwel werkplek stond middenin in de ‘rosse buurt’) vertelde Duyves mij dat er een plannetje in de maak was om iets geks te doen in het Pride weekend begin augustus. Deze ‘Pride’ traditie overgewaaid uit de Verenigde Staten zou in 1996 voor het eerst plaatsvinden in Amsterdam. Het plan werd bedacht door de gezamenlijke gay-horeca in de stad verenigd in de Gay Business Association (GBA). 

Het evenement was bedoeld om Amsterdam internationaal neer te zetten als de Gay Capital van Europa – precies zoals Mattias Duyves, die invloedrijk was in die wereld, in februari schreef. 

Aanleiding om groots uit te pakken was de verkiezing van Amsterdam als gaststad van de Gay Games in 1998. De Gay Games waren toen een tamelijk klein en zeker in Europa onbekend fenomeen. De dames en heren (vooral heren) van de levendige homo-horeca rond de kop van de Amstel en de Reguliersdwarsstraat zagen het wel zitten om een groot internationaal en kapitaalkrachtig publiek (‘two incomes no kids’ zeiden ze in de Verenigde Staten) te verwelkomen.

het eerste nummer van Sjalhomo – met dank aan het Stadsarchief van Amsterdam

Het hoogtepunt van Amsterdam Gay Capital bleek een botenparade te zijn van de verschillende uitgaansgelegenheden aangevuld met een aantal maatschappelijke organisaties. Een botenparade? Het was een ongekende vorm van manifestatie. ‘Kan dat wel, zo open en bloot door de grachten varen’? ‘Welke keurige emancipatieclub wil tussen die homobars in varen’? De bezwaren waren legio. Het originele idee werd bedacht door Siep de Haan, docent op een middelbare school en de spil van de GBA. Het was een topidee, een onvertoonde en speelse variant op de toogdagen en demonstraties waar Amsterdam al decennia mee bekend was. Niks geen ‘manifestatie’ maar een vrolijke parade van boten en bootjes door de grachten (de toeristische trekpleister van de hoofdstad) met een maatschappelijk aspect: het COC voorop, die dit commerciële gedoe aanvankelijk met scepsis bekeek.

Toen Mattias me dit plan vertelde, twijfelde ik geen moment: dit evenement was dé gelegenheid om de roze kant van BHC te laten zien en te vieren. Het werd een erev sjabbatdienst op vrijdag 2 augustus 1996 op de vooravond van de Canal Parade. Dankzij het contact dat Duyves voor me legde met organisator Siep de Haan wisten we subsidie te krijgen van de GBA om een grote ruimte te huren voor deze dienst. Het werd de Singelkerk van de Doopsgezinde gemeente. Een heel centraal gelegen gebouw op het Singel tegenover de aula van de Universiteit van Amsterdam op het Spui. De Singelkerk is een zogenaamde schuilkerk, een kerk die aan de buitenkant niet herkenbaar is als kerk. Net als de Rode Hoed bij wie we de eerste vijf jaar te gast waren. 

Zo vierde een joodse club een roze sjabbat in een schuilkerk, een erev sjabbat die breed werd aangekondigd in de gay pers en ruim tachtig bezoekers trok uit de hele wereld.

De Canal Parade werd een overrompelend succes en is tot op de dag vandaag een jaarlijks evenement. Net zoals de Pride Sjabbat van Beit Ha’Chidush een sterke traditie blijkt te zijn, elk jaar opnieuw op de vrijdagavond voorafgaand aan de botenparade. 


*zie het artikel over Sjalhomo op de tentoonstelling over Amsterdam Regenboogstad naar aanleiding van 25 jaar Canal Parade.

Deze aflevering van 25 jaar Joodse Vernieuwing draag ik op aan Mattias Duyves, oud-studiegenoot en buurman, voor zijn warme woorden in Gay News Amsterdam.

Over Bloom 36 Artikelen
Achter Bloom gaat Wanda F Bloemgarten schuil. Socioloog en wetenschapsjournalist. Mede-oprichter Beit Ha'Chidush, Villa Mazzelsteijn en Cohen&Co. Liefhebber van Carlebach-stijl diensten, street-art en minimal music. Lid van NIHS/Amos en drie tennisclubs. Eindredacteur van dit online magazine.

1 Comment

  1. Die erev-sjabbatdienst op de vooravond van de Canal Parade van 1996 herinner ik me goed, ik beheerde de kas. Het vrolijke gebeuren waaide over uit de States, maar er was een verschil. Als niet-lhbtq werd ik weggekeken in die kringen in NYC. Echter, in de Amsterdamse Singelkerk werd ik verwelkomd als degeen die met harde hand de vrijwillige bijdragen inde.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*