Twintig jaar geleden, op 12 augustus 2006, kwam Uri Grossman om bij een operatie van het Israëlische leger in Zuid-Libanon. Dat gaf aanleiding om aandacht te vragen voor zijn vader David Grossman, een van mijn favoriete schrijvers.
Grossman is een uitgesproken criticus van het beleid van de Israëlische regering. Hij heeft, na lang geweigerd te hebben het woord genocide in de mond te nemen, vorig jaar zomer dat woord voor het eerst gebruikt. Zoals hij stelde: “Naar aanleiding van het zien van beelden en gesprekken met ooggetuigen.”
Mensenrechtenorganisaties, waaronder het Israëlische B’Tselem hebben dat ook gedaan. Gelijktijdig riepen ruim twaalfhonderd rabbijnen uit de hele wereld, van modern orthodox tot liberaal, Netanyahu op om onschuldige levens te respecteren en uithongering niet als wapen in te zetten.
Een van de initiatiefnemers was rabbijn Ariel Pollak uit Tel Aviv, mijn voormalige student aan het Abraham Geiger College in Potsdam. De brief van de twaalfhonderd rabbijnen veroordeelt Hamas en Hezbollah in de scherpste bewoordingen en spreekt van een morele crisis die het fundament van het Jodendom als de ethische en profetische stem bedreigt.
Veel Joden beschouwen openbare kritiek op Israël als hoogverraad, als een dolksteek in de rug van het land. Maar, om de titel van die bundeling van essays van David Grossman te citeren, De Prijs die we betalen is hoog, dus wat is er mis met de gedachte dat vrede de enige keuze is*.
Die verzameling van essays, columns en toespraken over de situatie in Israël voor en kort na 7 oktober heb ik dezer dagen opnieuw gelezen. Veel veranderd is er sindsdien niet. Mij blijft Grossman inspireren met zijn heldere visie op gerechtigheid en vrede, en de hoop dat mensen vijandschap en haat kunnen overwinnen.
* De prijs die we betalen (Cossee, november 2023)
Tikoen Olam
Grossman, in 1954 in Tel Aviv geboren, brak in de late jaren 80 wereldwijd door met zijn roman Zie liefde – uitgeverij Cossee geeft zijn werk in het Nederlands uit.
Grossman beschouwt zichzelf als seculier en baseert zijn houding op Joodse waarden, bijbels en rabbijns.
Tikoen Olam, het herstellen van de wereld, is voor hem „een essentieel kenmerk van de joodse identiteit die verplicht is om onze wereld te verbeteren.”
Hij benadrukt deze verantwoordelijkheid tegenover ieder mens, joods of niet: “Draag zorg voor sociale rechtvaardigheid en het milieu.”
Grossman vraagt zich af: „Hoe kan iemand die gelooft dat de mens naar Gods evenbeeld is geschapen (b’tselem Elokim, Genesis 1,27; 5,1-2; 9,6) dat beeld met voeten treden?”
Volgens Grossman moeten Israëli’s die al decennialang terugkerende oorlogen, militaire operaties, bezetting en steeds weer oplaaiend terrorisme meemaken, zich realiseren dat kracht alleen geen overwinning garandeert, en dat het zwaard tweesnijdend is. Hij vraagt zich af: „Hoe kan een Joodse staat de realiteit ontkennen dat een heel volk met miljoenen mensen die daar thuishoren simpelweg niet bestaat?
Leven zonder angst en externe dreiging
Kort na het bloedbad op 7 oktober 2023 spreekt hij over „de diepe haat tegen Israël, over het pijnlijke besef dat wij Israëli’s nu waarschijnlijk voor altijd onder uiterste spanning en in voortdurende oorlogsgereedheid zullen moeten leven. Wordt ons ooit een normaal leven zonder angst en externe dreiging gegund, een bestaan waarin we ons altijd veilig voelen?“
Grossman: “Onderneem actie om Israëli’s en Palestijnen te redden van zelfvernietiging.“
Tijdens de veiligheidsconferentie in München in 2017 constateert Grossman: „In de huidige realiteit in Israël zullen de Palestijnen nooit volledige onafhankelijkheid bereiken, en is de staat Israël bezig met eigen hand het wonder te vernietigen waaraan het zijn ontstaan als thuisland van het Joodse volk en als democratie te danken heeft.“ En, voegt hij toe: „We hebben uw hulp nodig. […] Als vrede en veiligheid u na aan het hart liggen, onderneem dan actie om Israëli’s en Palestijnen te redden van zelfvernietiging.“ Die woorden hebben niets aan actualiteit en geldigheid verloren.
Allen zijn gelijk voor God
Elk mensenleven is heilig, allen zijn gelijk voor God, met dit citaat van rabbijn Jonathan Sacks (zl”) eindigt de brief van het pas opgerichte The London Initiative waarin enkele duizenden diaspora-Joden president Herzog oproepen een eind te maken aan de extremistische terreur van Joodse Israëli’s tegen onschuldige Palestijnen op de West Bank, onder verantwoordelijkheid van de regering en de Knesset. Die terreur mag niet onbestraft blijven.
Je kan geen volk onderdrukken en tegelijkertijd verwachten in vrede te kunnen leven. De bezetting van Oost-Jeruzalem, de Westelijke Jordaanoever en de Golanhoogten is in strijd met het internationaal recht en dat zijn ook de Israëlische nederzettingen in die gebieden.
De internationale gemeenschap heeft lang de mantra van de tweestatenoplossing omarmd, maar niets ondernomen. De Palestijnse kwestie verdween van de agenda, totdat ze op 7 oktober 2023 met volle kracht op ons afkwam en sindsdien tot een gevaarlijk uitdijende humanitaire en economische crisis leidt.
Er zal bij jullie één wet gelden
Grossman hoopt dat Israëli’s weer met een gerust geweten het Bijbelvers kunnen citeren: „Er zal bij jullie één wet gelden, zowel voor de vreemdeling als voor de inwoner.“ (Leviticus 24:22). Ook wij moeten ons hier verzetten tegen antisemitisme, islamofobie en homofobie, en ons inzetten voor de rechtsstaat die alle groepen omvat en waarin ook het Palestijnse leed wordt erkend.
cover: screenshot Bloom uit ‘Waarom we ons niet moeten verzetten om de ander te begrijpen‘, interview Buitenhof, 27 november 2022
Dank Edward. Helder en (helaas) al te waar.
Beste vriend, goed en helder betoog, wordt door mij zeer gewaardeerd. Nu Bibi nog omhalen.Shabbath Shalom . Blijf gezond Ephraim.
wat Grossmann doet, is zich nu niet verschuilen achter de misdaden van hamas om de schuld van de israelische regering weg te schuiven. als iemand door rood licht rijdt en ene kind dodelijk verwondt, komt die ook niet weg met een verwijzing naar de omstandig heden. nee een regel is een regel. en de uitspraak van netanyahu ‘god zei er is een tijd voor oorlog en een tijd voor vrede, en nu is het een tijd van oorlog’ waar heeft hij het dan over? een oorlog gaat van de ene bewapende groep tegen de andere. palestijnse burgers zijn geen leger, dus systematische bombardementen zijn een schending van elk bestaand recht. hiermee zet hij juist de deur open voor uitingen van antisemitisme. het enige is de waarheid onder ogen zien: de regering netanyahu en haar directe aanhangers is het spoor bijster. en brengt de vrede steeds verder weg. het vreselijke is dat de democratie in deze situaties faalt als rem op autocratie. er is een auto aan het rijden met een versnelling maar zonder rem. het enige dat wij als indirect betrokkenen kunnen doen is ons blijven uitspreken voor het eerbiedigen van het internationaal oorlogs- en humanitair recht.
Ik zou graag de woordelijke uitspraak van Grossman hebben gelezen waarin hij het woord ‘genocide’ heeft gebruikt. Bij ‘genocide’ gaat het namelijk om een juridische term, waarvan het gebruik is voorbehouden aan het Internationale Strafhof in Den Haag, dat slechts na langdurig en grondig onderzoek oordeelt. Het is per se geen begrip dat op vreselijke daden in het algemeen betrekking heeft. Maar zó wordt het wél en practisch vanaf de dag na de 7de oktober 2023 door vijanden van Israel gebruikt! Sindsdien is dat gebruik inflationeel toegenomen. Maar nog steeds, tot op de dag van vandaag, is er nog geen desbetreffende gerechtelijke uitspraak! Het is duidelijk dat de Hamas een genocidaal doel nastreeft, zoals in hun oprichtingsverklaring van 1988 is vastgelegd. Dat het Israelische leger zeer vele dodelijke slachtoffers heeft veroorzaakt, staat vast. Maar of het ‘uitroeien’ van de bevolking daarbij een doelsrtelling was, mag vooralsnog worden betwijfeld. Waarom zou het israelische leger keer op keer de bevolking van Gaza opgedragen hebben hun huizen en woongebieden te verlaten, vanwege de aanstaande gevechten inclusief bombardementen? Escalerend taalgebruik kan in het politieke debat vernietigende gevolgen hebben. Laten we redelijk blijven!
Ron, het interview met Grossman in La Republica vind je hier: https://drive.google.com/file/d/1ERPBP7oclmDhJNMMxQgYhXX4cg_1Te7_/view Een samenvatting vind je op Jonet: https://jonet.nl/david-grossman-israel-pleegt-genocide-in-gaza/ Het gebruik van het woord ‘genocide’ is veel breder dan juridisch, het heeft ook een politieke en sociologische betekenis. En terzijde, er is niemand die voorschrijft in welke context een woord wel of niet mag worden gebruikt. Ook de Pools-Joodse jurist Raphael Lemkin die het woord introduceerde – een samenvoeging van genos (een breed begrip dat zowel familie, afstamming, stam of volk omvat) en cide (neerslaan, doden, moord) gebruikte een brede definitie. Het VN-verdrag uit 1948 is ook breder dan alleen ‘uitroeiing van de bevolking’. Onder ‘genocide’ valt ook volgens dit VN-verdrag: ‘het doden van leden van de groep; het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep; het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging’. Daarnaast is ‘genocidaal geweld’ een algemeen gebruikt begrip geworden, zoals in de context van Nederlands-Indië waar Nederland genocidaal geweld gebruikte door hele dorpen uit te roeien als straf voor een individuele nationalist wiens familie daar woonde. Ik begrijp dat als de woorden ‘Israel’ en ‘genocide’ tegelijk worden gebruikt dat heel veel irritatie en soms zelfs woede oproept, maar er is echt niets of niemand, ook geen internationaal strafhof dat auteurs kan verbieden een bepaalt woord te gebruiken.
Dank je voor de bronnen, Bloom! Het is een typisch voorbeeld van een ontwikeling waarbij een woord volstrekt betekenisloos wordt. Waarom zou het Strafhof nog een uitspraak moeten doen, nu de hele anti-israelische lekenwereld al heeft beslist? Ik lees: “het doden van leden van de groep; het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep”. Daarvan is altijd sprake, bij elk internationaal gewapend conflict. Iedereen is deel van een groep. Waar zijn de scheidslijnen? Bij het verschil tussen ‘moord’ en ‘doodslag’ doen we altijd weer ons best, het juiste begrip te gebruiken. Maar hier? Vergeten wordt telkens weer, das de Hamas – gekozen door een meerdereid van de Gaza-bevolking – tot doelstelling heeft, Israel te vernietigen, niets minder. Toen zij een luchthaven, een zeehaven en miljarden hulp voor opbouw van een geweldige economie aangeboden kregen (zie een interview met Ismail Haniyeh bij Facebook, Ahmed Fouad Alkhatib, 3 aug. j.l.) met als voorwaarde, de wapens neer te leggen, wezen zij dat af, vanwege hun heilige opdracht! Ik hoorde het begrip ‘genocide’ hier in Duitsland al een week na de 7de oktober 2023. Goed voorbereid door de islamistenpers. Natuurlijk kan niemand zo een taalgebruik verbieden, nogal logisch. Maar critisch wijzem op massieve politieke manipulatie blijft zinvol.
Ron Manheim, dat u een kritische benadering heeft over het gebruik van het woord genocide is terecht. Het gevaar van “woordinflatie”. Dat neemt niets weg van het veroordelen van de agressieve politiek van de huidige Israëlische regering, waarbij velen spreken over misdaden tegen de menselijkheid. Het openlijk streven naar een Groot-Israël, het inpikken van land en het wegpesten en doden van Palestijnen op de Westbank is niet te rechtvaardigen door te wijzen naar Hezbollah en Hamas.
En dan ook het hele verhaal: In de jaren 70 en 80 hebben Israëlische autoriteiten en inlichtingendiensten indirect en tactisch ruimte geboden aan de islamistische beweging van sjeik Ahmed Yassin — de prille voorloper van Hamas — om de seculiere en nationalistische PLO te verzwakken. Later, onder regeringen van onder meer Benjamin Netanyahu, werd het doorlaten van Qatarese geldstromen naar Gaza jarenlang toegestaan en gedoogd als bewuste politieke strategie om de Palestijnse leiding te verdelen en te verzwakken. Vergelijk met de Amerikaanse inlichtingendiensten, indertijd voerde de DCIA onder de codenaam Operation Cyclone een groot covert programma uit. Dit gebeurde van 1979 tot 1992, gericht tegen de militaire interventie van de Sovjet-Unie in Afghanistan.De VS financierden en bewapenden diverse islamitische verzetstrijders (de moedjahedien) via de Pakistaanse geheime dienst ISI.