Opticien als sociale ontmoetingsplek

Afgelopen week was ik bij de opticien. Meestal ben ik zo iemand die de eerste bril die ik zie – lees: die mijn vrouw uitkiest – direct goedkeurt.

Geduld heb ik er niet voor. Winkelen doe ik sowieso niet graag; in principe wordt alles online besteld. De enige inspanning die dan nog rest, is passen.

Uitzonderingen zijn pakken en brillen. De eigenaar stond erop dat mijn ogen eerst gemeten moesten worden, dus moest ik een andere keer terugkomen.

Het werd woensdag om twaalf uur. Ik kwam een volle winkel binnen. Het leek alsof de damesclub op excursie was: uitsluitend vrouwen op leeftijd. Mijn geluk was dat ik een afspraak had, althans dat dacht ik.

De optometrist voor wie ik kwam, was nog even bezig, zei men, of ik plaats wilde nemen. Ik ging zitten tussen twee Amerikaanse dames, die later zussen bleken te zijn. Ze waren het niet eens over de bril van de zus links van mij: modern genoeg of niet.

“Geef mij maar Cohen Opticien uit Brooklyn,” zei de rechterzus. “Ik denk niet dat ik hier iets ga kopen. Ik wacht wel tot we weer in de VS zijn.”

“Niet zeuren, Tova,” zei zus nummer één. “Je bent zo conservatief. Vraag het deze jongeman maar.”

Ze bedoelde mij. Ik schrok. Ik meng me nooit in familieruzies, maar ze keken me allebei vragend aan.

“Allereerst ben ik blij dat u mij ‘jongeman’ noemt, ik ben namelijk grootvader,” zei ik. “Ten tweede wil ik over veel meepraten, maar absoluut niet over mode. Ik heb nooit door wanneer mijn vrouw iets nieuws draagt, en als ik dénk dat het nieuw is, heeft ze het al jaren.”

“We vragen geen kledingadvies,” zei de ander. “Alleen of Tova een nieuwe bril moet kopen.”

Ik dacht snel na. “Je kunt het doen,” zei ik.

De zussen keken elkaar aan. “Zie je wel,” zei de een tegen de ander, “mannen, je hebt er niks aan. Ik ben blij dat ik er niet aan nóg een ben begonnen.” 

Ze gingen verder met hun gesprek alsof ik er niet meer was.

Toen was ik aan de beurt. Ik werd geholpen door een alleraardigste optometriste met een uitstekend gevoel voor humor. Ik vroeg haar of ze standaard op de route lagen van bejaarde vrouwenclubjes op stap.

“Bij ons voelen ze zich altijd thuis,” zei ze. “Dit is hun huiskamer. Let maar op.”

Ze stond op, ging voor me staan en zei luid:
“Ik weet niet of deze bril je wel staat… misschien toch even verder kijken. Wat vind jij?” vroeg ze willekeurig aan een vrouw naast ons.

Binnen no time stonden er vier vrouwen om me heen. Ze gaven advies, pakten brillen, probeerden me andere monturen aan te smeren. Ik dacht alleen nog: hoe kom ik hier zo snel mogelijk weg?

Uiteindelijk zei ik dat ik deze bril zou nemen, omdat het sterkste materiaal voor mij het belangrijkst is, zeker als mijn kleinzoon besluit mijn bril af te pakken. Daar hadden ze allemaal begrip voor.

Ik weet niet of ik nu de juiste sterkte heb, maar ik ben wel weer een Israëlische ervaring rijker.


cover: Eyeglasses Store, bron: IconScout

Over Jair Eisenmann 86 Artikelen
Jair Eisenmann is echtgenoot, vader en grootvader. Hij is geboren en getogen in Amsterdam. Jair is ondernemer in de farmaceutische industrie. Binnen joods Amsterdam heeft hij in vele besturen gezeten onder andere bestuur NIHS en hij is medeoprichter van AMOS. Hij was jarenlang actief in de Amsterdamse politiek als deelraadslid van de VVD en later als vice voorzitter VVD Amsterdam. Jair was vooral medeoprichter, en nu voorzitter, van de Stichting Gilat die theatervoorstellingen organiseert in kinderziekenhuizen in Nederland, Curaçao een Israël. Sinds 2021 woont hij in Jeroesalajim.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*