Klassieke vertaling
God zei: ‘Laat er licht zijn’ en er was licht:
Hertaling
Elohiem zei: ‘Laat bestaande warmte-energie actief zijn’; en Elohiem liet warmte-energie actief zijn:
Hier, op dit vroege moment van de schepping, is nog geen sprake van licht zoals wij dat kennen.
Geen zon die straalt, geen maan die weerkaatst. Het zichtbare licht verschijnt pas veel later in het scheppingsverhaal.
En dat roept de vraag op: wat doet zonlicht normaal?
Het brengt warmte, energie en licht.
Maar wanneer licht nog niet bestaat, blijven alleen warmte en energie over.
Onzichtbare warmte-energie
We bevinden ons dus in een fase waarin de aarde wordt omgeven door onzichtbare warmte-energie – een oerkracht die geen vorm heeft maar wel aanwezig is.
Het is de eerste prikkel als het eerste kloppen van een hart dat nog niet zichtbaar is: energie die wacht om richting te krijgen.
Deze warmte-energie werkt als de fundering van alles wat nog moet komen.
Een onzichtbaar veld dat de aarde doordringt, nog zonder structuur, maar vol potentie.
Het is alsof de schepping even diep ademhaalt voor de eerste beweging.
Niet creëren, maar activeren.
Opvallend is dat de Hebreeuwse tekst hier niet het werkwoord voor ‘scheppen’ gebruikt.
Er wordt niets gemaakt – er wordt iets geconstateerd.
Een status, geen handeling.
De warmte-energie was er al.
En dan klinken de woorden die het hele proces kantelen: ‘Laat het zijn.’
Niet creëren, maar activeren.
Wat al aanwezig was, wordt werkzaam gemaakt.
Het gaat van potentieel naar beweging, van bestaan naar functie.
Het woord ‘zijn’ fungeert hier als een richtingaanwijzer.
Het markeert de overgang van stilte naar dynamiek, van vormloos aanwezig naar doelgericht werkzaam.
Zo zet Elohiem het proces in gang:
niet door iets nieuws te maken,
maar door bestaande warmte-energie actief te laten zijn –
als een impuls die een al aanwezige energie in beweging brengt.
Wat tot dan toe slechts aanwezig was, wordt werkzaam.
Warmte wordt kracht.
Aanwezigheid wordt werking.
De schepping begint te bewegen.
Grammaticale en tekstuele onderbouwing
Wa’jomer (ויאמר) – ‘en hij zei’
Wa’jomer is een vervoeging van het werkwoord amar (אמר), dat betekent: zeggen met de bedoeling iets over te brengen en begrijpelijk te maken. Het impliceert verbinding tussen degene die zegt en degene die ontvangt.
Andere werkwoorden in de Hebreeuwse tekst hebben een andere lading:
diber (דבר) duidt op spreken zonder noodzakelijke verbinding;
kara (קרא) betekent roepen, noemen of lezen.
Het consequente gebruik van wa’jomer wijst erop dat hier sprake is van niet-verbale communicatie: betekenisoverdracht door verbinding met alles wat bestaat..
Jehie (יהי) – ‘laat het zijn’
Jehie is een onregelmatig werkwoord in de veroorzakende vorm hif‘il en staat in de derde persoon enkelvoud. Daarnaast betreft het een verkorte vorm van de toekomende tijd, ook wel jussivus genoemd. Deze vorm wordt gebruikt om een wens of gericht voornemen uit te drukken: dat iets zal gebeuren.
De betekenis is daarom niet: ‘laat er zijn’ of ‘laat er ontstaan’, maar: ‘laat het zijn’ – of, in deze context: ‘laat het actief zijn’.
Deze formulering veronderstelt dat wat genoemd wordt, reeds aanwezig is en nu richting en werking krijgt.
Wat hier niet gebeurt
In deze zin ontbreken bewust de werkwoorden:
bara (ברא) – scheppen (uit het niets)
ngasa (עשה) – maken
jatsar (יצר) – vormen
Er wordt hier niets nieuws voortgebracht en niets gevormd. De uitspraak constateert geen nieuwe realiteit, maar activeert wat al bestaat.
Or (אור) – ‘warmte-energie’
Or is reeds aanwezig. Door jehie wordt deze energie niet geschapen, maar in werking gezet: gericht en actief gemaakt als voorbereiding op de volgende fasen van de schepping. De zin beschrijft geen beginpunt, maar een overgang van latent naar werkzaam.
Hoewel or traditioneel als licht wordt vertaald, kan dat hier geen zichtbaar licht zijn. Zon en maan worden pas later genoemd; dag en nacht zijn nog niet onderscheiden. In deze context duidt or op energie in de vorm van warmte: energie die beweging en ontwikkeling mogelijk maakt zonder zichtbaar te zijn.
Wa’jehie–or (ויהי-אור) – bevestiging
Door toevoeging van de omkeer-waw ontstaat een verhalende verleden tijd: ‘liet het zijn – warmte-energie’. Deze formulering functioneert als bevestiging. Wat geactiveerd is, wordt vastgelegd en daarmee voorbereid op wat volgt. De werking van de omkeer-waw is eerder toegelicht in het artikel ‘Jij bent niet buiten Elohiem – je bent er deel van’.
Zie ook de andere delen van deze serie ‘hertaling van het eerste hoofdstuk van Beresjiet’:
Daar is water
Onheil ligt op de loer
Jij bent niet buiten Elohiem
cover: Torah lezer, schilderij van Marc Chagall, foto: Bloom
Heel interessant. Ik ga de voorgaande afleveringen ook lezen.
Bijzonder interessant