Jozef, Lilly en de ezel naar Afrika
Op 1 mei 1894 stond voor het huis van Jozef Israëls in Den Haag een reiskoets klaar. De schilder was zeventig. Zijn vrouw Aleida was enkele maanden eerder overleden en zijn huis voelde stiller dan ooit. Aan de muren hingen een Rembrandt, Rafaël en Holbein, maar zelfs het mooiste gezelschap in een lijst zegt ’s avonds niet dat de thee klaarstaat. Zijn zoon Isaac vond dat zijn vader eruit moest. Niet naar Scheveningen — dat … [Lees verder]