Het is nogal verwarrend om terug te zijn in Nederland na de Iraanse raketregen te hebben overleefd.
Gelukkig sloeg de zwaarste raket geladen met duizend kilo springstof in twee kilometer van mijn woonplaats Ramat Hasharon. In de veiligheidskamer voelde ik de luchtdruk van de ontploffing in mijn oren.
Vanwaar dan die verwarring?
In het onveilige Israël vocht het land een overlevingsoorlog tegen een Iraanse vijand die met het aanroepen van Allah uit is op de vernieling van Israël. Het is dan duidelijk wie je vijand is. Een islamitische Hitler in het gewaad van een Ayatollah. Dat is een ‘vijand op afstand.’
Terug in Nederland doemt een nieuwe vijand op – of beter gezegd een oude vijand van het Joodse volk: het antisemitisme.
Akelig incident
De goed katholieke Poolse vrouw die ons huis schoonhoudt en niets met het Jodendom te maken heeft, maakte op het station in Utrecht een akelig antisemitisch incident mee.
Ze had uit ons huis een WIZO-tasje meegenomen om boodschappen te kunnen doen. Met volle tas kwam ze aan op een vrij leeg perron in Utrecht werd ze aangevallen door zoals ze de aanvallers omschreef ‘donkere mannen.’ De aanvallers rukten en trokken aan haar tas. Ze voelde zich echt bedreigd, maar liet niet los. Terwijl de vechtpartij om de tas heftiger werd, kwam een spoorwegmedewerker tussen beiden. De aanvallers gingen er als hazen vandoor. Al schreeuwend lieten ze wel een duidelijke boodschap achter.
Het ging hen niet om de inhoud van het tasje maar om het Israëlische symbool er op. ‘We wilden de tas verbranden,’ schreeuwden ze op hun vlucht.
Toen ze ons haar verhaal deed, zei ze goed te begrijpen wat Israël-haat en antisemitisme is. Natuurlijk kun je je afvragen of dit incident een uiting van antisemitisme is of van recente Israël-haat ontstoken door de Israëlisch-Palestijnse oorlog in Gaza.
Timmermans: ‘dat ben ik niet’
Neem Frans Timmermans, de naar het premierschap lonkende leider van GroenLinks-PvdA. In een tv-debat wist hij met emotionele zekerheid te zeggen dat Israël opzettelijk in Gaza vrouwen en kinderen vermoordt. Maar wie hem dan van anti-semitisme beschuldigt, lijkt hem in het hart te treffen, want: ‘dat ben ik niet.’
Gehecht aan Israël
Als bewuste Jood en gehecht aan mijn leven in Israël vind ik het verwarrend tussen antisemitisme en in haat gedompelde kritiek op Israël in Nederland te moeten laveren.
De vraag of al dan niet wapens aan Israël mogen worden verkocht is tegen het licht van de Gaza-oorlog een binnenlands politiek probleem geworden waarop voor- en tegenstanders elkaar afrekenen.
Het zijn Nederlandse politieke emoties die Israël niet bereiken.
cover illustratie Françoise Nick
Geef als eerste een reactie