Lewaja in Jeruzalem

graven op Har Hamenoechot, foto Ephraim Goldstoff

Mijn ouders woonden de laatste zeventien jaar van hun leven in Jeruzalem. Zij liggen begraven op Har Hamenoechot.

Het is een schitterende begraafplaats. Inmiddels uitgegroeid tot een kleine stad, immens groot. Verdeeld in vele secties, waaronder een deel waar Chassidische Joden liggen,  Asjkenasische of Sefardische. Er worden nu ook gebouwen neergezet waarin de overledenen boven elkaar in de muur worden geschoven. Met een kleine Matseiwa wordt het graf bedekt.

Mijn ouders liggen op sectie 9. De begraafplaats is zo groot dat als je niet exact weet waar iemand ligt, je een groot probleem hebt dat graf te vinden.

Dezelfde dag

De hele dag vinden er lewajot (begrafenissen) plaats ook ‘s avonds en ’s nachts. Als je in Jeruzalem woont en komt te overlijden dan word je dezelfde dag nog begraven. 

Het is een Mitswa, een gebod, om de overledene niet overnacht te laten wachten op de begrafenis. Er worden uitzonderingen gemaakt, wanneer directe familieleden uit het buitenland moeten komen, dan wil men wel een dag wachten.   

Het is zeker geen gebruik dat een familielid bij de Tahara, de lijkwassing, aanwezig is.

In Nederland is het een oud gebruik om de naaste familieleden uit te nodigen om na de Tahara de sokjes aan de overledene aan te trekken en zand uit Israël te strooien in de kist en die dicht te schroeven. 

In Israël worden ook familieleden gevraagd, alhoewel dat geen algemeen gebruik is, om na de Tahara een handeling te verrichten. En wel om zand in de ogen van de overledene te strooien tijdens het uitspreken van een paar pesoekiem (zinnen) uit Tehilim, de Psalmen. 

Vaak kan men na afloop van de Sjiwwe al de Matseiwa, de grafsteen, laten plaatsen. In ons land duurt dat meestal een jaar. 

Vlak voordat de uitvaartceremonie in de aula begint, wordt een van de familieleden of kennissen van de overledene gevraagd naar een ruimte te komen waar de overledene ligt opgebaard, om die te identificeren. Het gezicht wordt zichtbaar gemaakt ter identificatie. 

Slapstick vertoning

Ik wil graag een voorval met u delen dat ik meemaakte tijdens het onthullen van de Matseiwa van mijn moeder.

Terwijl wij bezig waren met onze ceremonie was er een Lewaja op hetzelfde deel, maar aan de andere kant. Er was een hele kleine Lewaja. Ik zag een viertal mannen van de Chewre Kadiesja de baar dragen met de overledene. In Israël wordt in een Talliet gehuld lichaam op een baar gedragen naar het graf.

Vervolgens wordt de baar naar de aula gedragen alwaar de gebeden worden uitgesproken en Hespediem (toespraken) worden gehouden. Dan wordt de baar door familieleden, indien aanwezig, in een lijkwagen gelegd en naar het graf gereden.  Als de wagen vlak bij het graf is aangekomen, wordt het lijk uit de auto gehaald en dragen leden van de Chewre de baar naar het graf. 

Een van de Chewreleden springt in het graf om de met losse stenen bedekte sarcofaag, die zich op de bodem van het graf bevindt, open te maken, door een paar zandstenen opzij te leggen. Daarin wordt het lijk gelegd. Daarna worden de stenen weer teruggelegd. De man die in het graf staat moet zo meteen de overledene opvangen die door de andere leden van de Chewre door het omhooghouden van de baar langzaam naar beneden glijdt in de handen van de man in het graf. 

Als die het lichaam onder zijn arm heeft opgevangen, gaat plotseling zijn mobiel tekeer. Hij neemt op en begint een gesprek, waarschijnlijk met Onze Lieve Heer, hoe hij het lichaam in de sarcofaag moet leggen, meer naar voren of naar links of rechts. Het was een vertoning uit een slapstick. 

En een schandaal. De Chewreleden moeten hun mobiel uitschakelen. Het zijn allemaal hele ‘vrome’ mannen met grote zwarte hoeden, hele grote baarden, hele lange pijes in vuile lange zwarte jassen. Je kunt het niet verzinnen als je het zelf niet hebt meegemaakt.

Ik maak liever de uitvaart mee zoals wij die kennen in ons kikkerlandje.


cover: Har Hamenoechot, foto auteur

Over Ephraïm Goldstoff 69 Artikelen
Ephraïm Goldstoff (1949) groeide op in de oude Joodse Plantagebuurt tegenover Artis. Na het Maimonides volgde hij verschillende opleidingen in de diamantwereld. Goldstoff vervult vele bestuurlijke functies onder meer voor Bnei Akiwa, Oost-Joods Verbond, OSE (Organisation Secours aux Enfants), Young Leadership CIA, The Feuerstein Institute (Jerusalem). Hij is bestuurslid van Maccabi tennis en van de RAS (Rav Aron Schuster Synagoge) en de Stichting Eerherstel Joodse Begraafplaats Zeeburg. Goldstoff is voorzitter Stichting Naleving Washington Principles, raadslid NIHS, lid ledenraad Joods Maatschappelijk Werk, voorzitter Stichting Dutch Friends of The Feuerstein Institute. Ephraïm Goldstoff is zelfstandig ondernemer in oude en antieke juwelen en edelstenen. Nog steeds werkzaam en kantoorhoudend in de Diamantbeurs.

1 Comment

  1. Prachtig verhaal weer. Ik geloof het omdat je het beleefd hebt, maar het is natuurlijk ráár-to put it mildly.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*