Voor wie is het nieuwe Holocaustmuseum?

Ik was gespannen toen ik voor het eerst naar het Nationaal Holocaustmuseum ging, net zoals bij de Namenwand een paar jaar geleden op de Weesperstraat.

Bang voor de waarheid, bang voor de confrontatie met het verleden. Het is echt gebeurd, hier is een tastbaar bewijs. De mannen en vrouwen op die paar fotootjes thuis, hebben echt bestaan. Zij zijn vermoord om wie zij waren net als al die meer dan honderdduizend andere Nederlandse Joden.

Levend onder het naziregime werden ze beroofd van alles wat ze bezaten: hun huizen, bezittingen, kinderen en uiteindelijk hun leven.

Het Namenmonument gaf troost en rust

Die spanning veranderde bij de Namenwand in een gevoel van troost en rust toen ik de namen van mijn grootouders en familie vond tussen al die anderen die hetzelfde lot ondergingen. Ik stel me voor dat je diezelfde rust en troost ervaart als je een graf van een familielid of geliefde bezoekt.

Bij het nieuwe NHM had ik een heel andere ervaring. Het Nationaal Holocaustmuseum is ondergebracht in zowel De Hollandse Schouwburg als in de voormalige crèche en kweekschool aan de Plantage Middenlaan. De Hollandsche Schouwburg is voor contemplatie, de twee andere gebouwen tonen vooral alle pijnlijke momenten tijdens de Jodenvervolging.

Encyclopedie

Je ziet het begin, de speciale maatregelen, de razzia’s, het verzet, het verraad, de deportaties, de kampen, de bijna onherroepelijke dood. Het vertelt, veelal aan de hand van persoonlijke ervaringen en documenten, het laat zien hoe er met de Nederlandse joden werd omgegaan en hoe ons land daarop reageerde. De tentoonstelling presenteert zich als een aanschouwelijke encyclopedie van de kennis die in de afgelopen tachtig jaar over die tijd is verzameld. Hoe gruwelijk de beelden ook zijn, deze keer ervaar ik geen troost noch rust, het raakt me niet.

Ik kijk ernaar, ik lees hier en daar de teksten, maar het is een les die ik niet wil volgen. Ik weet al hoe het afliep, ik weet wat er gebeurde. Joden zijn zelf natuurlijk allemaal al experts op dit gebied.

Zaalimpressies NHM, foto’s Mike Bink, courtesy JCK

Lege bedjes

Ik kijk naar een wiegje uit de crèche, zie de foto van de verzorgsters met de baby’s en kleuters, hoe zou het geweest zijn als de benedenruimte van het museum alleen met lege bedjes was gevuld? Zou zo’n beeld niet een meer gelaagde ervaring hebben opgeleverd waar je stil van wordt?

Was het ook niet beter geweest als een groot deel van de objecten die hier tentoongesteld zijn een plek hadden gekregen in ons nationale museum, het Rijksmuseum?

Deze Joodse geschiedenis is tenslotte ook en vooral Nederlandse geschiedenis, niet iets om trots op te zijn, maar wel even Hollands als de Nachtwacht.

In zijn openingswoord benadrukte Emile Schrijver, directeur van het Joods Cultureel Kwartier: “dat grote gebaren hier niet op zijn plaats waren, niet nodig waren.” Dit museum, zei hij, is op deze locatie zelf een belangrijke plek waar het allemaal plaatsvond: de deportaties, de uitsluiting, de vernedering.

Om dezelfde reden behoeven ook de getoonde objecten en verhalen geen commentaar: “die spreken voor zichzelf.” Maar is dat zo voor de gemiddelde bezoeker? Wat moet de bezoeker hiervan leren? Kweken we hiermee meer begrip? En zo ja, voor wat? Strijden we zo tegen Jodenhaat als we hen deelgenoot maken van ons lijden?

Decoratie van de geschiedenis

Wat de betekenis van dit museum zal zijn, moet de toekomst uitwijzen. Ik hoop van harte dat het meer zal blijken te zijn dan een verplichte decoratie van de geschiedenis, zoals de beide van elke emotie gespeende grauwe kunstwerken op de binnenplaats: een betonnen trap met luik de onderduik verbeeldend en een olijfboom met veel gevallen bladeren, als symbool voor het verlies van een groot deel van de Joodse bevolking van Nederland.


cover: Anita Frank in het NHM, foto Will de Jong

Over Anita Frank 22 Artikelen
Anita Frank initieerde en participeerde, na haar studie theaterwetenschap en kunstgeschiedenis, in talloze projecten in het theater, de openbare ruimte en op het terrein van cultureel erfgoed onder andere voor de Gemeente Amsterdam. Daarnaast adviseert zij kunstenaars en culturele initiatieven. Voor het Joods Museum maakte zij onder meer de foto installatie Joods Leven. Levensmotto: van cultuur krijg je nooit genoeg!

2 Comments

  1. Anita Frank beschrijft haar gevoel bij het bezoek aan het Nationaal Holocaustmuseum en suggereert dat een betekenisvolle kunstzinnige installatie wellicht de bezoekers meer zou kunnen raken. Wellicht is dat voor een deel van onze bezoekers inderdaad zo. Dagelijks bezoeken honderden mensen de presentatie die hen vaak urenlang gebiologeerd houdt. Ik denk dat dat ook komt omdat de mensen wiens geschiedenis hier wordt getoond zo herkenbaar worden gepresenteerd.
    Een andere suggestie van Frank is dat de collectie objecten die de vaste presentatie ‘Nederland en de Sjoa’ dragen wellicht beter op hun plek waren geweest in het Rijksmuseum als dragers van deze zeer Nederlandse geschiedenis. Het Rijksmuseum zelf koos enige jaren geleden om de geschiedenis van de Jodenvervolging te visualiseren met een object van vernedering en grove ontmenselijking: de kampjas door de Joodse Isabel Wachenheimer gedragen tijdens haar gevangenschap en deportatie. De strepen op de gevangenenkleding waren nadrukkelijk door de nazi’s toegepast om elk gevoel van menselijk individualiteit van gevangenen te onderdrukken, te ontkennen. Zo’n iconische jas nodigt de gemiddelde museumbezoeker niet persé uit tot herkenbaarheid van de vervolgde mens die het gedwongen droeg. Het Nationaal Holocaustmuseum koos wel om de menselijkheid van vervolgden zo inleefbaar en waardig als mogelijk te presenteren, met herkenbare objecten in een ingetogen vormgeving. Juist om de afstand tussen museumbezoekers en vervolgden, een afstand die in tijd steeds groter wordt, overbrugbaar te houden.
    Annemiek Gringold, Hoofdconservator Nationaal Holocaustmuseum

  2. Beste Annemiek, Ik ken de kampjas van Isabel Wachenheimer in het Rijks. Uiteraard verwijst deze naar de Sjoa maar nadrukkelijk niet naar het Nederlandse deel van deze geschiedenis.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*