Zonder schaamte geen beschaving

recensie Wolven op het ruiterpad

man en wolf lijken elkaar de kussen

De prijs voor het beste natuurboek ging dit jaar naar de essaybundel van evolutiebioloog Tijs Goldschmidt. Op de longlist stonden maar liefst honderdvijftig boeken, uit de laatste zes genomineerden werd Wolven op het ruiterpad, Over mensen en andere roedeldieren van Goldschmidt het bekroonde boek.

De essays, deels eerder verschenen in NRC, geven een goede weerslag van de enorme veelzijdigheid van Goldschmidt. Als evolutiebioloog schuwt hij er niet voor te schrijven over kunst, zoals over beeldend kunstenaar Marlene Dumas, of over mythische dieren, zoals de Yeti, een reusachtig aap-achtig mens of dier dat te vergelijken is met ‘Nessie’, het monster van Loch Ness.

Yeti, de sneeuwmens, illustratie Philippe Semeria

Dat de mens zou afstammen van de Yeti, dit verborgen oerwezen, is een wijdverbreid geloof in delen van Azië. In Kathmandu is de Yeti, of ‘sneeuwmens’, zowel mythe als handelswaar, schrijft Goldschmidt. ‘Geen enkele inwoner van Nepal of Tibet piekert erover het Yeti-mysterie op te lossen’. Hier raakt de bioloog een snijpunt tussen natuur en cultuur, de kern van vele essays in dit boek.

Mieren en sprinkhanen 

Al in het eerste hoofdstuk, over het eten van insecten, raakt Goldschmidt de actualiteit. Insecten als bron voor eiwit in de voeding zou het nuttigen van de grote veedieren kunnen beperken en zo bijdragen aan de verlaging van de beruchte uitstoot van natuurvijandige gassen. Fijntjes merkt Goldschmidt op dat in de bijbel het eten van insecten niet is toegestaan met uitzondering van sprinkhanen. 

Zo weet ik dat de Jemenitische joden voor hun emigratie naar de staat Israël nog sprinkhanen op hun menu hadden staan. Problematisch was altijd welke sprinkhaan nu precies bedoeld was… De onlangs overleden rabbijn Kanievsky1 onderzocht de verschillende Talmoedische bronnen hierover terwijl een sprinkhaan op zijn vensterbank landde.

In zijn eerbetoon aan evolutiebioloog Edward Wilson2 vergelijkt Goldschmidt mieren en mensen met elkaar. De onwaarschijnlijk hoge organisatiegraad van een mierenkolonie doet niet onder voor menselijke samenwerking. Mieren zijn bereid zich op te offeren voor de gemeenschap. De mens levert nog altijd een innerlijke strijd tussen eigenbelang en altruïsme.

Het Schaammeisje van Marlene Dumas inspireert de bioloog over het thema schaamte, een onderwerp dat hem zeer bezighoudt. ‘Zonder schaamte geen democratie en beschaving‘, zo schrijft hij.

Het Schaammeisje van Marlene Dumas, 1990, bron Etsy

Leven is kopiëren

Met evenveel interesse en schijnbaar hetzelfde gemak schrijft Goldschmidt over vogels als over ‘Metamorfoze‘, het grote culturele conserveringsprogramma dat papieren erfgoed voor verdwijning moet behoeden. Papier is kwetsbaar en aan slijtage onderhevig. Digitalisering is kopiëren. Leven is kopiëren, betoogt Goldschmidt, hij vergelijkt het kopiëren van enkelstrengs DNA met de orale culturen. 

Wij kennen dat in het jodendom, uit de periode voordat de Misjna werd gecodificeerd. Je kan het kopiëren de schriftelijke cultuur vergelijken met het kopiëren van dubbelstrengs DNA. Zowel bij het biologisch kopiëren als bij het menselijk kopiëren verdwijnt er soms iets of worden er fouten gemaakt. Maar de natuur doet het beter. Om tweehonderdtachtig bijbels over te schrijven en maar één fout te maken zou het niveau van DNA reproductie worden geëvenaard, zo citeert Goldschmidt de Britse biochemicus Nick Lane in Life Ascending, The Ten Great Inventions of Evolution uit 2010.

Zoönose

Life Ascending,
Profile Books

In een essay over exoten en inheemse plant- en diersoorten raakt Goldschmidt aan een groot probleem voor de mens. En dat is het overspringen van een ziekteverwekkend virus van mens op dier. Waar we in de jaren tachtig nog voornamelijk lazen over HIV, dat oorspronkelijk via een aap de mens besmette, hebben we nu al een paar jaar te maken met een coronavirus dat waarschijnlijk afkomstig is van een vleermuis op een Chinese markt. 

Door het reisgedrag van de mens zijn alle ecosystemen met elkaar verbonden geraakt en zullen deze zoönosen zich dus blijven verspreiden. Eigenlijk is al sinds Columbus bekend dat ‘nieuwe’ virussen desastreuze gevolgen kunnen hebben: de native Americans bleken geen afweer te hebben en bezweken in grote aantallen. Ook koloniale avonturen en slavenhandel zorgden voor de verplaatsing van bacteriën en virussen.

Dat het met goed bedoelde ingrepen in de natuur niet altijd goed afloopt, toont Goldschmidt aan met de beschrijving van een verwoest ecosysteem in het Victoriameer waar men nijlbaarzen heeft uitgezet voor de lokale Afrikaanse visserij. Een proces van verstoring dat hij uitvoerig beschreef in zijn veelbekroonde boek Darwins hofvijver, een drama in het Victoriameer uit 2014.

Terugkeer van de wolf

Het is geen sprookje meer, de wolf heeft zich in 2015 in Nederland gevestigd na een lange afwezigheid door menselijke jacht op het roofdier. De gemoederen over de de wolf lopen hoog op. Er gaat vrijwel geen week voorbij of de wolf is in het nieuws. Er lijken in Nederland twee soorten wolven te zijn, de probleemwolf: een door mensen bijgevoerde wolf die te tam wordt en de risicowolf: boeren raken schapen kwijt door de wolf. Want ja, de Hoge Veluwe… van en voor wie is de natuur? Goldschmidt hield er onlangs een zeer genuanceerde lezing over (zie de video hieronder).

Waar een ingezonden brief van een ecoloog tegen de wolf in de krant verschijnt, neemt Goldschmidt een gematigd-positief standpunt in en fantaseert hij hoe de wolf zou kunnen worden getraind in het bewaken zoals zijn afstammeling, de hond, dat leerde. Telkens waakt Goldschmidt ervoor menselijke eigenschappen te projecteren op dieren zoals hij van zijn leermeester de etholoog (gedragsbioloog) Tinbergen leerde.

Tijs Goldschmidt, lezing over de wolf in de Balie, Amsterdam, juni 2022

Eruditie en veelzijdigheid

Goldschmidt heeft veel kennis over Nieuw Guinea en de Papoea-cultuur. Hij neemt de voorouderverering serieus. Voor hem is de mens niet alleen een roedeldier zoals de wolf, maar is homo sapiens voorzien van spirituele neigingen. Goldschmidt is een groot bewonderaar van Darwin…”maar”, zo schrijft hij “ik besef ook dat een vertekende versie van de evolutietheorie in het verleden is misbruikt…” Spreekt hier zijn joodse achtergrond in mee?

Wolven op het ruiterpad is een boek vol eigenzinnige observaties, vol dialoog en vol intertekstualiteit, daarom is er ook een lange lijst met bronvermeldingen. Door de eruditie en veelzijdigheid van bioloog en schrijver Tijs Goldschmidt is het een boek om te lezen en herlezen.


1 Rabbijn Shmaryahu Yosef Chaim Kanievsky, Pinsk, 8 januari 1928 – Benee Brak, 18 maart 2022, Litouwse charedi rabbijn bekend om zijn grote Tora-kennis 

2 Edward Osborne Wilson, Birmingham 1929 – Burlington, 2021, Amerikaans bioloog

Wolven op het ruiterpad, Over mensen en andere roedeldieren, door Tijs Goldschmidt

Uitgeverij: Athenaeum, mei 2022

ISBN : 9789025312039, 224 pagina’s

cover: fragment boekomslag Wolven op het ruiterpad, courtesy uitgever Atheneum

Over Aviva Pels 35 Artikelen
Aviva Pels (62) studeerde af aan de UvA, Semitische talen. Ze heeft voor vele joodse organisaties in Nederland gewerkt en is sinds een jaar woonachtig in Londen. Honden- én kattenmens. Is oppas-oma en leest. Verslingerd aan politiek, koffie en de Nederlandse kranten. Orthodox? Meestal wel.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*