Hoe een zware designers soeka werd verbouwd tot een halve hut

Deze week in De Vrijdagavond

beeldmerk Vrijdag Vooraf met kaarsen op kleine tafel

De oorlog in de Oekraïne woedt voort. Russische mannen rennen massaal de grens over om mobilisatie te vermijden. Al eerder vonden Russische-joodse musici in Amsterdam een veilige plek. In de documentaire van David van Tijn staat een van hen centraal, de vermaarde celliste Maya Fridman. United We Stand (Music in Times of War) is een “indrukwekkend portret van een musicus, haar instrument en haar collega’s en vrienden, een oprecht bevlogen Russin die stelling neemt tegen Poetins oorlog”, zo schrijft Yvonne Twist in haar recensie.

Ralph Levie werd uitgenodigd te spreken bij de onthulling van een struikelsteen voor zijn oom Jaap die op zijn 24ste werd vermoord in Auschwitz. “We hebben hem niet gekend en weten zo goed als niets over hem,” zegt Levie eerlijk tegen de toehoorders. “Over wat voor mens hij was, wat zijn interesses waren, of hij zich joods voelde, wie zijn vrienden waren en of hij een relatie had.” Er werd gezwegen over Oom Jaap, al die lange decennia. 

Leo Groenteman, onze Mexicanjer van de week, blijkt een echte Amsterdamse geschiewes te zijn (woordenlijstje is toegevoegd). Een gewiekste soucher, met een eigen moppenpagina. Hij heeft beschermengelen en koestert de bijzondere IDF-onderscheiding van zijn omgekomen neef in de zesdaagse oorlog.

We naderen Soekot. Vanaf deze zondagavond eten de traditiegetrouwen in de hele wereld in een hutje op het balkon of in de tuin. Zolang er een stukje van de hemel is te zien, en er vier soorten groen in zijn te vinden, is het een loofhut of soeka. 

Bij de familie Goldstoff in de Plantagebuurt werd een grote, zware designers soeka verbouwd tot een halve hut die paste op het balkon. Dat balkon keek wel uit op Artis, waar de familie van de jonge Ephraïm The real experience kreeg: “met prachtige dierengeluiden op de achtergrond.” En dit is nog maar de helft van verhaal dat eindigt met een eend “met een sinaasappel in zijn mik” die de oven uitvliegt terwijl een kasteelheer geamuseerd toekijkt. 

Soekot brengt bij Ruben Bar-Ephraim de takken in herinnering die zijn moeder uitzocht voor hun soeka bij de plantsoenendienst. De man die de takken bracht, had begrepen ‘voor hun soep’. “Alhoewel ik niet denk”, aldus de auteur, “dat de bewuste gemeenteambtenaar de voorschriften voor de soeka kende, slaat hetgeen hij zei toch nog ergens op, zeker in de klimatologische realiteit van Nederland.” 

Het brengt hem rechtstreeks, de schrijver is een rabbijn en dan kan je dit verwachten, naar de Misjna toen Soekot nog de ‘feestdag der feestdagen’ was. In de Babylonische tijd ontstond een debat over de aard van de precies beschreven hutten. Waren het “wolken van glorie” met een spirituele connotatie of waren het materiële objecten, maar wel met een messiaanse opdracht? 

De parasja schrijver van dienst ontdekt een polytheïstisch verleden. Niet van hemzelf, maar van ons allen… Het is een kritisch stuk dat geen bijbelwetenschapper mag missen en dat ons allen wellicht milder stemt over andere “Hemelse wezens”

Er zijn ook andere vormen van religieuze beleving, zo laat Dina-Perla Portnaar zien. “Met de grootst mogelijke zorg en toch wel wat zenuwen bereidde ik me voor op een ayahuasca sessie” om te onderzoeken of er nog een restje trauma was op te ruimen. Ayahuasca? Ik moest het opzoeken en vond op de site van de Jellinek dit: ‘Indianenvolkeren uit het Amazonegebied gebruiken deze drank al eeuwenlang in religieuze rituelen.’

Dina-Perla beschrijft dit ritueel met veel schwung en neemt de lezer mee naar: “Een roze veld om me heen, alsof ik in een beschermende deken van liefde werd gewikkeld.” Ze ervaart vredigheid en licht. Het is een spirituele reis, een joods-religieuze reis zou ik bijna zeggen, immers, zo zegt Portnaar nuchter: “Het is aan iedere generatie om G’d opnieuw te ontdekken, is het statement in het Jodendom, toch?” 

Ze eindigt met een mooie wens: 

“Een mooi 5783, met heel misschien een antenne die uitgestoken kan worden. Voor een glimps van G’d. Want laten we eerlijk zijn, is dat in essentie niet het aller-, allermooiste om te ervaren”?

Sjabbat Sjalom en Soekot Sjalom

Over Bloom 138 Artikelen
Achter Bloom gaat Wanda F Bloemgarten schuil. Socioloog en wetenschapsjournalist, onder meer Elsevier Science Publishers. Voor het NIW ontwikkelde zij de academische rubriek Periodica Judaica. Liefhebber van swingende diensten, actuele kunst en minimal music. Lid van NIHS/Amos en twee tennisclubs. Mede-oprichter en eindredacteur van De Vrijdagavond.

1 Comment

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*