Kinderen zijn in een paar weken oorlogsgeweld jaren ouder geworden

rijen schoenen

Dagboek Van Oekraïne naar Warschau

deel 2
Deel 1 van dit dagboek In die ene koffer zit hun hele leven

dag 3

Zonder cape

Bekend is de Superheld met een rode cape die redding brengt in de meest nijpende omstandigheden. Hier in Warschau lopen superhelden niet in een rode cape maar in een winterjack. Hun ‘superpower’ is vriendelijkheid, geduld en vooral doorzettingsvermogen. Eén van hen is Tamara, die voor de Jewish Agency werkt. Ze is altijd op een plek waar haar hulp écht nodig is. Ze rent van hot naar her en haar telefoon gaat onophoudelijk met mensen die Tamara bellen om acute hulp. Wanneer ze even tijd heeft kunnen we haar de spullen laten zien die we gekocht hebben.

Sokken. Kinderondergoed. Plastic Slippers. Vesten. Knutselmateriaal. Koshere snacks. We brengen de spullen naar de haast lege opslagkamer. Het is een treurig gezicht. Er zal nog veel meer nodig zijn. Tamara is er blij mee. Maar ze weet ook dat er morgen weer een nieuwe lading mensen uit Oekraïne in Warschau zullen aankomen, die weer andere spullen behoeven. 

Gevluchte moeder

Terwijl we met de kinderen spelen maak ik een praatje met één van de vele moeders. Ik vraag haar of ik haar kan helpen, kan ik haar iets sturen als ik terug ben in Londen?

‘Ook al heb ik maar één koffer kunnen meenemen van huis, ik heb alles wat ik nodig heb. In Israël zullen de dingen die we nodig hebben voorhanden zijn”. Deze moeder van drie jonge kinderen geeft hier een les levenswijsheid die me overweldigt. Alles wat ze nodig heeft, voor haar gezin van vijf, in één koffer. En alsnog zegt ze met volle overtuiging: dit is alles wat ik nodig heb. Dat is kracht.

Covid

In het hotel zien we artsen en zorgmedewerkers in beschermende kleding. Covid is losgebroken in het hotel. Ook zien we journalisten met ‘PRESS’ op hun outfits. Een lokale student vertelt ons dat covid nog steeds huishoudt in Polen waar slechts een derde van de bevolking gevaccineerd is. In deze nieuwe ramp van internationale omvang is covid naar de achtergrond gedrongen.

Wantrouwen

Als we terugkomen in het busstation in Warschau worden we argwanend en met weinig vriendelijkheid tegemoet getreden door Poolse professionele hulpverleners. De verantwoordelijken voor de vluchtelingenopvang hebben verdenkingen jegens ons. We laten al onze koffers en tassen controleren. ‘Veiligheid voor de kinderen’ blijkt hun zorg. Het verbaast ons, we komen hier al anderhalve week dagelijks, maar we werken alsnog geduldig mee. We proberen te communiceren dat dat we komen om een handje te helpen.

Ons motto is: we komen om te helpen, zodra we een last vormen, zijn we weg. We vragen ons af of het moment is gekomen om rechtsomkeert te maken, willen ze ons hier wel? Maar op dat moment kijkt de vrouw die onze tassen doorzoekt op en geeft mij een vage glimlach ‘Thank your for coming’. We zien dat als groen licht en lopen door naar de kinderhoek met onze tassen.

Armoedig

De behoefte aan hulp is gegroeid. Er zijn nu al veel meer kinderen. We zien armoedige kleding. Als we gaan bellenblazen worden de kleuters blij. De grotere kinderen rennen nu ook door elkaar om de bellen te pakken en belleblaas-trucjes te leren. Een ogenblik treft de overeenkomst tussen de fragile luchtbellen en hun levenslot me. Maar het gelach en gieren van de kinderen overstemt sombere gedachten. De kinderhoek is één magische plek vol bubbels en we laten ons erin meevoeren.

Arina

Even later probeer ik met een meisje te ‘praten’ (met Google Translate gaat dat zo goed en kwaad als het kan). ‘Ben je nieuw hier?’, vraag ik haar.

‘Ja’, antwoordt ze me. ‘Ik ben twintig minuten geleden aangekomen. We hebben 25 uur in de bus gezeten’. Maar Warschau is niet haar laatste bestemming. Met een ironische lach vertelt ze me, dat ze dezelfde avond nog zullen doorreizen naar Slowakije. Met de trein.

Ik besef me dat dit meisje, dat enig kind is, binnen 25 uur haar jeugdige kinderlijkheid achter zich heeft moeten laten. You are a very brave girl, zeg ik met Google Translate. You are fun to talk to, antwoordt ze me.

Gewicht op smalle schoudertjes

We willen verstoppertje spelen, maar realiseren ons al gauw dat een grote hal met matrassen zich niet echt leent voor dit doel. Een dertienjarig meisje heeft afgehaakt en zit in een hoekje. Als ik haar vraag waarom ze niet meedoet, wijst ze op een bundel in haar armen. Een pasgeboren baby, voor wie zij de zorg draagt. Geen moeder in zicht. 

Kinderen zijn in een paar weken oorlogsgeweld en vluchten jaren ouder geworden en krijgen soms een grote verantwoordelijkheid toegeschoven. Omdat het niet anders kan, in een noodsituatie.

Afscheid

Als we weggaan, valt het Arina zwaar om afscheid te nemen. Ze rent weg, naar haar matras, en komt terug met chocola uit haar rugzak. Ze staat erop dat ik dit teken van dank aanneem. Ik verzeker haar en haar moeder dat ze van harte welkom zijn bij ons in Londen.

Niet als vluchtelingen. Als gasten.

Winterjacks

Superhelden dragen geen rode capes hier. Ze verschijnen in winterjacks. Of ze passen op babies, terwijl ze daar eigenlijk nog veel te jong voor zijn. Of ze delen hun eigen chocola uit, opdat ze iemand een teken van dank kunnen tonen.

Deze superhelden staan voor uitdagingen waarvan ik de reikwijdte niet kan bevatten.

dag 4

Uitzichtloos?

Ons vertrek nadert.

De situatie van de gevluchte Oekraïners ziet er in onze ogen deprimerend uit. Het lijkt uitzichtloos. Elke dag komen er nieuwe kinderen binnen op het busstation. De anderen zijn meestal al doorgereisd naar Italië, Duitsland, Slowakije of een andere bestemming. Een donkere tunnel met een onzekere toekomst. Maar velen verklaren dolgraag terug te willen keren naar huis. ‘We houden van onze stad’. Oekraïne is thuis.

Aliya

Voor de joodse kinderen uit Oekraïne is er wellicht wat meer licht aan het eind van de tunnel. Een moeder antwoordt haar jonge dochter Daliah dat ze naar ‘hun tweede huis gaan’. Ze gaan naar Israël. Of met de moeilijkheden die hen daar wacht er inderdaad sprake zal zijn van ’thuiskomen’, zal de tijd leren.

Op de eerste dag zag ik een moderne stad. Warschau in Polen. Onder de oppervlakte van deze stad spelen zich grote menselijke tragedies af. En dan zijn dit nog de mensen die niet zijn omgekomen in de gruwelijke oorlog.

Thuis 

Ik ga naar huis, iets wat zovelen op tragische wijze verloren hebben. Ik neem niet alleen de herinneringen van de afgelopen dagen met me mee, maar ook de sterke wilskracht om te blijven helpen, te blijven doen wat ik kan, om de mensen te helpen die door deze krankzinnige oorlog zijn getroffen.

Ik hoop en bid dat de tijd snel komt dat dit niet meer nodig is. Dat deze kinderen en ouders een betere tijd tegemoet gaan en dat de herinneringen van deze periode vervagen. Ik kom een paar uur voordat Poeriem begint thuis. Een feestdag waarop we de Joodse overleving vieren, ondanks de dreiging. God was daar toen en ik geloof dat Hij nu hier is. En net als toen, kan het verhaal zich omdraaien en vervormen tot een tijd van bevrijding. Met die hoopvolle gedachte keer ik terug…

Schoenen

Eenmaal terug in Londen, kriebelt het. Ik móet wat doen om te helpen. Dus stuur ik een berichtje aan Tamara, de vrouw die voor de Jewish Agency in het hotel in Warschau werkt. Ik vraag haar wat de mensen nodig hebben. 

‘Schoenen’, is het onmiddelijke antwoord. De mensen komen het hotel binnen op slippers of in schoenen die niet passen bij het weer. Afgelopen week nog, vertelt ze me, kwam een 93-jarige Holocaust overlevende op slippers het hotel binnen… Kunnen we wat regelen?

En dus verzamel ik mijn moed bij elkaar en begin ik met fondsen werven. Op een miniscule schaal, want alsnog ligt dit ver buiten mijn ‘comfortzone’. 

Met dank aan geweldige mensen om mij heen hebben we binnen een paar dagen een aardig geldbedrag bij elkaar. Een paar dagen later gaat er een levering van 48 paar nieuwe schoenen naar het hotel in Warschau. In alle maten, hopelijk is er zo voor ieder wat wils. Ik krijg een berichtje met een foto: ‘Bedankt! Dit is wat we nodig hadden!’.

Ik ben dankbaar dat we met z’n allen iets kleins hebben kunnen bijdragen. Want is dat niet waar we hier voor zijn, toch?


cover: Shoes in a spanish shoe store, foto Tomas Castelazo, Courtesy WikiCommons

Over Batsheva Wolf 2 Artikelen
Batsheva Wolf-Pels, geboren en getogen in Nederland, woont nu in Londen met haar Britse man Yaacov. Na twee jaar studie aan het seminarium in Gateshead en een BA in Geschiedenis, is zij nu verantwoordelijk voor het Joodse middelbare onderwijs van de United Synagogue. Dat voorziet in onderwijs voor Joodse leerlingen op Joodse en niet-Joodse scholen in Londen. Batsheva schrijft ook artikelen, blogs en is ze beschikbaar als spreekster.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*