Hoe vrij moet iemand zijn om zich vrij te kunnen noemen?

Parasjat Bo

beeldmerk Parasja
collage: Bloom

De roep om vrijheid klinkt door het land. Wat de ene ziet als vrijheid, ziet de ander als een bedreiging. Mag mijn vrijheidsstrijd ten koste gaan van het welzijn en de voorspoed van de ander?    

De geschiedenis van de uittocht uit Egypte is het prototype en oermodel van alle vormen van vrijheidsstrijd die erop volgden. Zoals wij weten ging het niet zonder slag of stoot. Farao had een hart van steen en was niet bereid om vrijheid te verlenen. Parasjat Bo begint op het punt waar het lijkt dat Farao eindelijk voor de druk is bezweken. Na de zevende plaag en veel verzet van zijn eigen mensen die het leiden zat waren, liet Farao Mosje en Aharon bij zich roepen: “Gaan jullie, jullie G’d, dan maar dienen” zei hij.

De strijd was gewonnen, de Joden mochten weg uit Egypte. Toen kwam ineens de vraag van Farao: “Wie gaan er eigenlijk mee?” Mosje antwoordde: “We gaan met jong en oud, met onze zonen en dochters!”

religie eist concentratie

Daar had Farao niet op gerekend. “Waarvoor nemen jullie de kinderen mee?” vroeg Farao. “Dit kan niet kloppen,” moet Farao hebben gedacht: “Ze willen hun G’d dienen, ze gaan de woestijn in om een G’dsdienstige ervaring te beleven… dan is het begrijpelijk dat ze rust en kalmte zoeken. Religie eist concentratie. Maar de kinderen? Baby’s en bidden? Dat gaat niet samen!” “Dat laat ik niet gebeuren!” zei Farao “Alleen de mannen mogen gaan om jullie G’d te eren! Dat is toch wat jullie wilden!”

Mosje is vastberaden; Iedereen en alles moet mee! De argumenten van Farao maakten op Mosje geen indruk. Is het dienen van G’d alleen aan volwassenen bestemd? Wie is dan meer in staat tot G’d te bidden, de zuivere onbesmette zielen van de onschuldige kinderen, of volwassenen met hun vertroebelde agenda? Voor Farao mag het kabaal van de kids hinderlijk zijn, voor Mosje is het muziek in de oren.

De achtste en de negende plaag, maakten meer indruk op Farao en weer ontbood hij Mosje en zei: “Ga G’d maar dienen. Jullie kinderen mogen ook mee, maar jullie vee moeten achterblijven.” Weer een overwinning voor Mosje, ook dit argument had hij gewonnen. Toch is voor Mosje het doel nog lang niet bereikt. Hij voelt dat Farao niet loslaat! Klopt, Farao heeft al wel schakels losgemaakt, maar van echte vrijheid is hier nog geen sprake! “Niet alleen ons eigen vee zullen wij meenemen”, antwoord Mosje “u zult zelfs dieren ter beschikking stellen waarvan wij gebruik zullen maken om G’d te dienen!”

Egyptische souveniertjes

Is Mosje onrealistisch? Was het niet verstandiger geweest om de schaapjes en runderen achter te laten? Was het echt zo van belang om de Egyptische souveniertjes mee te nemen? De praktijk bewees dat Mosje gelijk kreeg bij hun vertrek uit Egypte. Het Joodse volk nam veel rijkdom met zich mee die zij van de Egyptenaren meekregen. Als de leider van de eerste vrijheidsbeweging leert Mosje ons een onontbeerlijke les in wat er nodig is om vrijheid te bereiken.

deel van de Joodse psyche

Vrijheid moet compleet zijn. Iemand die voor 99% vrij is, is nog steeds niet vrij. Een menselijke bestaan omvat een ziel, en lichaam en de omgeving waar men zich in bevindt. Alle drie elementen moeten deel zijn van de vrijheidservaring. De mens kan zich niet loskoppelen van zijn omgeving. Om zelf vrijheid echt te kunnen proeven is het noodzakelijk om je omgeving ook te bevrijden. En als vrijheid door G’d gegeven is, moet je omgeving ook doordrongen zijn van een G’dsbesef dat een bevrijdend effect heeft. Het was van groot belang dat de Egyptenaren niet alleen terneergeslagen zich als gewonnen erbij neerlegden dat ze geen Joodse slaven zullen hebben, zij moesten ook een wezenlijke bijdrage leveren aan het bevrijdingsfeest.

De Joden uit Egypte halen is één, maar het Egyptische verleden blijft deel van de Joodse psyche en daar moet ook iets bevrijdend uit komen. Uiteindelijk heeft ook Farao G’ds almacht erkent en in zekere zin werd hij bevrijd van zijn eigen harde hart.    

Jahrzeit Rabbi Yosef Yitschak Schneersohn

Aanstaande woensdag, 10 sjewat, is het 72 jaar sinds het overlijden van de zesde Lubavitcher Rebbe, Rabbi Yosef Yitschak Schneersohn, en ook 71 jaar dat de zevende Rebbe, zijn schoonzoon, de leiding van Lubavitch op zich nam als Rebbe.

Rabbi Yosef Yitschak Schneersohn, beeld Chabadnj.org

Rabbi Yosef Yitschak was een vrijheidsstrijder. In de twintiger jaren van de vorige eeuw kwam hij op tegen de Sovjet-bolsjewieken, hij werd gearresteerd, uiteindelijk werd hij uit Rusland verbannen. Om vervolgens tien turbulente jaren in Polen door te brengen, waar de donkere wolken van WOII boven het hoofd hingen. Hij vestigde daar Yeshiva’s en creëerde enthousiasme in het Joods leven. Zijn laatste tien jaar woonde hij in Amerika waar hij, ondanks zijn fysieke zwakheid, stand hield tegen alle krachtige winden van assimilatie. Hij toonde aan dat ook in Amerika de Tora relevant en actueel blijft.

Honderd jaar sinds de zesde Rebbe zijn leiderschap lanceerde, is de impact van zijn leerstellingen in de verste uithoeken van de wereld te merken. Een ziel kan pas vrij zijn wanneer in deze fysieke, alledaagse en soms donkere, wereld een plekje voor G’d is te vinden.

Over Shmuel Katzman 11 Artikelen
Rabbijn Shmuel Katzman is geboren in Brooklyn, New York en groeide op in Crown Heights, waar hij ook zijn rabbinale opleiding volgde. In 1994 werd hij als sjaliach van de Lubavitcher Rebbe uitgezonden naar Nederland. Hij is rabbijn van de NIG Den Haag en coördinator van JLI, het Joods Lern Instituut, de Nederlandse tak van Chabad-organisatie The Rohr Jewish Learning Institute.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*