Een ode aan Joodse koeken

Print Friendly, PDF & Email

Het was de week van Poeriem en hamantaschen bakken. Mijn ingedikte versie van deze Joodse feestdag is: ze probeerden van ons af te komen, we wonnen, we bakten koekjes, laten we samen eten. Koekjes als ultieme vorm van Joodse zelfbeschikking.

Deze week bracht ons ook een ander Joods verhaal over koekjes. Bakkerij Davelaar maakte wereldkundig dat zij hun beroemde Jodenkoeken zullen omdopen tot ‘Odekoeken’. Eventjes googelen levert op dat de Jodenkoek al sinds de negentiende eeuw in Nederland bekend is, en te herleiden tot een Sefardische traditie (platte koekjes met veel vet en zonder water of gist). Het is ook een populaire supermarktlekkernij.

De ogenschijnlijk onschuldige taalverandering lijkt op het eerste gezicht een leuke spitsvondigheid, maar roept daarna ook andere gedachten op. De naamsverandering komt niet uit de lucht vallen. Hij lijkt te passen in een lijn van veranderingen van productnamen die racistische stereotypen bevestigen. De nieuwe eigenaar van Davelaars Jodenkoeken vindt het een ‘mooi merk met een mooie geschiedenis…’ en dan: ‘… maar we wilden door de naam te veranderen bijdragen aan een meer inclusieve maatschappij.’

Kunnen we even terugspoelen? Bijdragen aan een ‘meer inclusieve maatschappij’? In deze tijd van cultuurpolitiek komt bij het veranderen van een productnaam meer kijken dan het aanpassen van de verpakking. Verschillende Nederlandse kranten publiceerden erover en honderden mensen reageerden. Nederlandse Joodse organisaties haastten zich om verontschuldigend te melden dat ze niet om de naamsverandering gevraagd hadden. En ik vroeg me af: wat is hier een passende reactie? En zouden we Davelaar niet moeten vragen de beslissing terug te draaien?

Het afschaffen van denigrerende namen van producten als de ‘negerzoen’ voor met witte crème gevulde chocola is ontegenzeglijk een betekenisvolle daad, want alledaags taalgebruik is een vehikel voor alledaags racisme. Maar ‘Joden’ van de Jodenkoek afhalen? Zijn we hier getuige van een ode aan een inclusieve maatschappij of juist van het tegenovergestelde: een schitterend uitwissen van de zichtbaarheid van levende Joodse cultuur als onderdeel van de Nederlandse geschiedenis?

Dit overdenkend, probeer ik online een bus Davelaar Jodenkoeken (de originele!) te bemachtigen, maar er is moeilijk aan te komen. De website zegt dat ik eerst hun cookies moet accepteren. Doe ik, maar niet allemaal.

Over Lievnath Faber 2 Artikelen
Lievnath Faber is een joodse filmwetenschapper en cultureel programmeur. Ze is ook geboorte- en stervensbegeleider en is voorstander van het terugbrengen van deze gebeurtenissen in de levenscyclus naar de gemeenschap. Ze heeft een research Master in Filmwetenschappen van de Universiteit van Amsterdam en werkt op het snijvlak van joodse cultuur, film en de levenscycli. Lievnath werkt aan het realiseren van de open, inclusieve en unapologetically joodse hub Oy Vey, in Amsterdam. Als gastcurator legt ze op dit moment de laatste hand aan de tentoonstelling ‘Zijn joden wit?’ die binnenkort in het Joods Historisch Museum te zien is. Ook is ze onderdeel van de inaugurele cohort van de Alfred Landecker Democracy Fellowship waarvoor ze grassroots joods activisme stimuleert binnen de antiracisme beweging. Haar observaties beschrijft ze wekelijks, vaak in de nachtelijke uren, op www.thebedtimeactivist.com

11 Comments

  1. Bij mij roept die koek een hele andere associatie op. Jodenkoeken kwamen er bij ons thuis niet in. Mijn ouders vonden ze verschrikkelijk. Ik heb ook nooit ergens bij andere joden zo’n bus van die koeken zien staan, dus toen Davelaar met het bericht kwam, dacht ik ‘mooi, beter laat dan nooit.’ Heel gek om te lezen dat ‘wij’ er trots op waren. Dat het helemaal niet nodig was geweest. Ik proefde in die reactie meer iets in van ‘wij doen niet zo moeilijk, wij zijn hele aangepaste Nederlanders.’ Nou, ik dus niet. Ik ben blij dat we er vanaf zijn. Ik ervoer de naam wel degelijk als onprettig en plat…

    • ” Ik ervoer de naam wel degelijk als onprettig en plat…”. Beste Bertien, inderdaad ‘plat’ Een aantal jaren geleden stond in het blad uitgegeven door de provincie Noord Holland over Noord Hollandse bedrijven. Davelaar werd daarbij opgevoerd als het maker van “Jodenkoeken”. In een apart kadertje werd daarbij beschreven wat Jodenkoeken zijn en waarom ze zo genoemd worden: “Joden eten platte koeken tijdens het Paasfeest”. Opmerkelijk is wel dat in het originele recept reuzel (varkensvet) was verwerkt en dit zo ook als zodanig op het etiket vermeld…. Inderdaad, allemaal een beetje plat.

      • Zo visueel had ik het ook bedoeld, Lody! Ik hoorde ook altijd dat de koeken op matzes leken en dat ze daarom….

  2. Net als Bertien, reageerde ook ik verheugd op Davelaars naamsverandering, zeker toen ik zag dat ‘de’ joodse gemeenschap apologetic reageerde. Maar Lievnath zet me aan het denken met het argument

    “uitwissen van de zichtbaarheid van levende Joodse cultuur”

    Reageer ik als door een wesp gebeten op het woord Joden gebruikt door anderen? In een merknaam nog wel… blijf van ons af is mn intuïtieve reactie. Ongetwijfeld overgeërfde angst. Ja dat is zeker het geval.
    Maar “uitwissen van de zichtbaarheid van levende Joodse cultuur” gaat me te ver. Een wat melige, niet al te gezonde koek bestempelen tot joodse cultuur … zeker als het ’t enige produkt is met het woord Joden in de supermarktschap is, neen liever niet deze “zichtbaarheid van levende Joodse cultuur”. En, het is soms heel zinvol om bepaalde culturele uitingen ‘uit te wissen’. Denk aan het groteske racistische symbool waar Hollandse kinderen generaties lang op werden getrakteerd. Weg met ZP en weg met de negerzoen. En die Jodenkoek? Neen, niet zo heftig als ZP en negenzoen, maar liever niet. Niet in mijn keuken. Ik blijf erbij, Ode aan Davelaar!

  3. Jodenkoeken kregen deze naam omdat ze goedkoop zijn. Het is dus wel degelijk een stigmatiserende naam. De luchthartigheid van Faber is misplaatst. Het is overigens iets waarover al jaren gesproken wordt, ook in de Joodse gemeenschap.

    • Maar hoe kan het dan dat ‘namens het CJO’ werd verklaard dat het heel sympathiek was van Davelaar, maar totaal onnodig? Is het een generatiekwestie? Of is het iets anders, zoals ik in mijn reactie schreef. Zetten we ons af tegen andere minderheidsgroepen die actie voeren tegen allerhande zoetigheid? Ik ben vooral benieuwd. Wat denk jij?

  4. Mmm. Als ik de naam lees… ‘Jodenkoek’ …vraag ik mij vooral af wanneer die ‘n’ erin is geslopen. Ik weet vrij zeker dat het ‘vroeger’ ‘Jodekoeken’ heette. En zonder die ‘n’ klinkt het meteen eehh volkser, spontaner, onschuldiger… of juist niet. Zoals bij zoveel volksgebruiken gaat het hierbij mijn inziens om de oorsprong van de naam, om het ‘traject’ dat het gebruik ( in dit geval een naam) heeft afgelegd én om de betekenis die er hede ten dage aan gegeven wordt. Kortom: past de naam in het rijtje van: Friesche Vlag, Libanees brood, Spaanse griep… Of hoort het thuis op de lijst van : Jodestreek etc.?! En kenden jullie deze al?
    https://nl.wikipedia.org/wiki/Jodenhaas
    Afijn, helaas zijn er momenteel kwaadaardigere anti-Joodse zaken aan de hand waar we ons op kunnen richten. Mijn zorg & irritatie over de naam ‘Jode(n)koek’ , speelt zich vooral af in ludiekere sferen 🙂

  5. Wat betreft die “n” in het midden: het woord waar thans het mes in gaat, is in het online krantenarchief te vinden vanaf 1872. Met een dip in de jaren ’40. En het werd al die tijd zowel met als zonder die “n” geschreven. Zonder statistisch significante voorkeur voor één van die twee.

Laat een antwoord achter aan Hannah Nathans Antwoord annuleren

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*